Ga naar submenu Ga naar zoekveld

TWEEDE ADVENTSZONDAG | Het Bijbelse verschil tussen optimisme en hoop

4 december 2020 · Leestijd 4 min

De weergave van deze video vereist jouw toestemming voor social media cookies.

Toestemmingen aanpassen

Vrede, hoop, blijdschap en liefde. Vier woorden die de komst van Jezus aankondigen. Elke adventszondag duiken we in een van deze woorden. Vandaag: hoop.

Uitkijken naar een toekomst die beter is dan het heden. Dat noemen we hoop! Hoop is een belangrijk thema in de Bijbel. Er bestaan zelfs meerdere bijbelse woorden voor ‘hoop’, elk met een superinteressante betekenis. In het Oude Testament worden vaak de Hebreeuwse woorden ‘yachal’ en ‘qachah’ gebruikt. ‘Yachal’ betekent: wachten op. Denk bijvoorbeeld aan Noach, die wekenlang moest wachten op droogte. Het andere woord is ‘qachah’, wat dezelfde betekenis heeft: wachten. Het drukt eigenlijk een gevoel van gespannenheid en verwachting uit. Zo omschrijft Jesaja God als een boer die zaait en ‘qachahs’ op goede druiven.

Wachten op..?

In de Bijbel draait hoop dus om wachten, of vol verwachting naar iets uitkijken. Maar waar wachtten ze op? Meestal is het antwoord op de vraag God! Dit zie je bijvoorbeeld heel goed terug in de psalmen. Daar komen deze woorden voor hoop meer dan 40 keer voor. Psalm 130:5-7 zegt: ‘Ik kijk uit [qachah] naar de HEER. Israël, hoop [yachal] op de HEER! Bij de HEER is genade. Hij zal Israël bevrijden uit al zijn zonden.’

Verschil optimisme

Dat is ook wat hoop onderscheid van optimisme. Optimisme is de keuze om – in welke situatie dan ook – te kijken hoe omstandigheden goed kunnen uitpakken. Maar Bijbelse hoop focust niet op de omstandigheden. Sterker nog, veel figuren in de Bijbel zien nul bewijs dat dingen beter zullen worden. Toch kiezen ze in zo’n situatie voor hoop. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de profeet Hosea. Hij leefde in een tijd waarin Israël in verdrukking was. Maar ondanks die ellende putte hij hoop uit Gods trouw. Hij herinnert zich hoe God het volk Israël redde uit Egypte. (Hosea 2:17).

Trouw uit het verleden

Dus Gods trouw uit het verleden is een motivatie voor hoop in de toekomst! Je kijkt als het ware vooruit, door terug te blikken en te vertrouwen op Gods karakter. Net als de schrijver van Psalm 39. In vers 8 staat: ‘Wat heb ik dan te verwachten [qachah], Heer? Mijn hoop [yachal] is alleen op u gevestigd.’ De bijbel laat zien dat hoop gebaseerd is op een persoon.

Ook in het Nieuwe Testament hadden de eerste volgers van Jezus eenzelfde visie op hoop. Ze geloofden dat Jezus’ leven, dood en opstanding een nieuwe deur van hoop openden. Voor deze hoop gebruiken ze het Griekse woord ‘elpis’. Paulus noemt zelfs dat Jezus’ opstanding de deur opent naar een leven in hoop. (1 Petrus 1:3) Dat we opnieuw geboren worden! En met dit woord verwijst Paulus steeds naar een persoon: de opgestane Jezus die de dood heeft overwonnen.

Hoop voor iedereen

De apostelen laten met hun woorden zien dat deze hoop van Jezus’ opstanding niet alleen voor de mensen toen gold, maar voor het hele universum. Ook nu dus! In Romeinen 8:20-21 staat: ‘Maar ze heeft hoop gekregen, omdat ook de schepping zelf zal worden bevrijd uit de slavernij van de vergankelijkheid en zal delen in de vrijheid en luister die Gods kinderen geschonken wordt.’ Bijbelse hoop is niet een soort optimisme, gebaseerd op verwachtingen. Het is een keuze om te wachten op God. Om te wachten op een toekomst die net zo verrassend is als een gekruisigde man die opstaat uit de dood. Christelijke hoop is terugkijken naar de opgestane Jezus en daar hoop uit putten voor de toekomst. De daden van die machtige God zijn het wachten waard!

Bron: The Bible Project

Lees ook: Jezus is prins van ‘shalom’, wat betekent dat écht?

Geschreven door

Marlieke