Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Kirsten (16) gelooft, maar haar ouders niet: 'Als ik niet op een christelijke school had gezeten, had ik nooit geloofd'

1 oktober 2021 · Leestijd 4 min

Als je zelf christelijk bent, zijn je ouders dat vaak ook. Voor Kirsten (16) ligt dat anders: zij gelooft in God, terwijl haar ouders niet gelovig zijn. Zij kwam in aanraking met het geloof zonder dat ze een christelijke opvoeding heeft gehad. Hoe doe je zoiets, en hoe houd je het vol?

Kirsten: “Ik zat op een christelijke basisschool, maar ik had eerst niet echt wat met het geloof. In groep vier ben ik met vrienden en mijn oma naar de kerk gegaan en zo ben ik eigenlijk in aanraking gekomen met het christelijk geloof. Ik ging naar die kerk, omdat mijn oma toen gedoopt werd. Sindsdien ben ik zelf ook meegegaan. Ik weet nog dat ik het toen vooral heel interessant vond hoe het ging in zo’n kerk, ik was daar namelijk nog nooit geweest. Er was niet echt een specifiek moment waarop ik mezelf christen begon te noemen, eigenlijk geloofde ik het vanaf dat ik naar de kerk ging al.”

Geen christelijke opvoeding

Kirsten gaat dus wel naar de kerk, maar haar ouders niet. “Mijn ouders vonden het wel leuk dat ik naar de kerk ging, maar ze zijn zelf maar twee keer meegegaan. Ze zijn allebei niet christelijk opgevoed. Mijn moeder gelooft wel dat er iets is, maar ze is niet christelijk. Mijn oma is pas later gelovig geworden, en heeft mijn vader dus ook niet gelovig opgevoed.

Dat mijn ouders niet in God geloven, is soms wel lastig. Als ik bijvoorbeeld vragen over mijn geloof heb, kunnen zij mij niet echt helpen. Ze zijn zelf namelijk niet echt bezig met het geloven. Het zou wel heel mooi zijn als ze door mij ook mee zouden gaan doen. Bij mijn moeder denk ik eerder dan bij mijn vader dat dat nog gaat gebeuren. Zij ging vroeger namelijk ook nog wel eens naar de kerk. Ook mijn zus gelooft niet, ik ben dus wel de enige in het gezin. Dat is soms best wel moeilijk”

Als ik iets in de Bijbel niet begrijp, vraag ik het aan mijn vrienden

Met haar ouders over het geloof praten, doet Kirsten niet vaak. “Met mijn vrienden die ook in de kerk zitten, kan ik mijn geloof wel delen. Sommige vrienden kende ik al van school, maar andere heb ik daar ontmoet. Zij zijn wel christelijk opgevoed en weten daardoor ook meer over de Bijbel dan ik. Dat is wel fijn, want als ik iets niet begrijp wat in de Bijbel staat, kan ik aan hen vragen wat ermee bedoeld wordt. Het helpt mij ook om naar de BEAM Kerkdienst te kijken. Daarnaast kijk ik op YouTube wel eens verhalen van mensen die zelf tot geloof zijn gekomen. Horen hoe zij met hun geloof omgaan, bemoedigt me. De meeste christenen zijn christelijk opgevoed, maar zij niet. Het is fijn om te weten dat ik niet de enige ben.”

Bidden

Daarnaast helpt persoonlijk contact met God Kirsten in haar geloof. “Als ik me wat minder goed voel, ga ik vaak bijbellezen, liedjes luisteren of bidden. Ik voel me meteen wat beter. Als ik daarmee bezig ben, merk ik gelijk dat ik me daar heel rustig van ga voelen. Bidden doe ik ook voor mijn ouders. Ik merk helaas niet dat zij tot geloof komen door mijn gebed.”

Geloven als kind

"Ik had het zelf heel fijn gevonden als ik christelijk opgevoed was. Ik hoor veel verhalen van vrienden die dat wel waren. Zij gaan bijvoorbeeld met hun ouders naar de kerk en ze kennen christelijke liedjes die ik niet ken. Geloven in God is over het algemeen wel moeilijker voor mij dan wanneer je ermee wordt opgevoed. Als je klein bent, en je hoort van je ouders over God, is het makkelijker om het te geloven. Ik moet het echt op mezelf doen. Toen ik op de basisschool zat, vond ik het soms ook lastig dat mijn ouders niet hetzelfde geloofden als ik. Daardoor twijfelde ik soms wel een beetje. Nu heb ik daar minder last van”

Op haar basisschool hoorde Kirsten van God en het christelijke geloof. Dit sprak haar aan en inspireerde haar om zelf ook te gaan geloven. Dat is geen toeval volgens haar. “Ik weet eigenlijk niet waarom mijn ouders voor een christelijke basisschool hebben gekozen. Ik denk dat als ik niet op die school had gezeten dat ik er nooit achter het geloof aan was gegaan.”

Geschreven door

Lotte