
Leestijd: 6 min
Regenboogvlaggen, Paarse Vrijdag en genderneutrale wcās, maar ook LEGO Friends tegenover LEGO Star Wars: op allerlei plekken en manieren kom je in aanraking met het thema gender. Zegt de Bijbel iets over dit onderwerp?
Deze tekst komt uit de nieuwe jongerenbijbel.
Eerst even een paar belangrijke termen. āGenderā slaat namelijk niet alleen op het biologische geslacht, maar ook op allerlei ideeeĢn, idealen en rolpatronen.
Met transgender bedoelen we mensen die zich niet thuis voelen in het geslacht dat hun bij de geboorte werd toegekend. Zij groeien op als meisje, maar voelen vanbinnen: dit klopt niet, ik ben een jongen! Of andersom natuurlijk. Soms leidt dat ertoe dat mensen āin transitie gaanā: ze gaan dan een medisch en sociaal traject van aanpassing in, zodat hun lichaam en de manier waarop mensen hen zien beter aansluiten bij hoe ze zich voelen.
Anderen identificeren zich bijvoorbeeld als non-binair: ze voelen zich in geen van beide traditionele gender-āhokjesā thuis.
Mensen met een intersekse-conditie worden geboren met mannelijke eĢn vrouwelijke geslachtskenmerken.
In het christelijke denken over gender speelt het scheppingsverhaal uit Genesis een belangrijke rol. God schiep mensen als mannelijk en vrouwelijk (Gen. 1:27). Dit scheppingsgegeven wordt vaak beschouwd als een aanwijzing voor hoe God mensen bedoeld heeft: het is goed dat er twee genders zijn, man en vrouw, die elkaar aanvullen en die vanwege hun lichamelijke verschillen kinderen kunnen krijgen. De tekst zegt overigens niet welke rollen of gedrag dan precies horen bij mannen en vrouwen.
Elders in de Bijbel wordt dat wel verder ingevuld. In Spreuken 31:10-31 lees je bijvoorbeeld hoe een ideale vrouw er in het oude IsraeĢl uitzag. In de loop van de tijd is deze tekst ook wel gelezen alsof hij uitgaat van eĢeĢn bepaalde rol: huisvrouw en moeder. Maar de eigenschappen die hier genoemd worden, zijn ook veel breder toepasbaar. De schrijver schetst een beeld van een vaardige, daadkrachtige en wijze vrouw, die haar huishouden runt als een kleine onderneming. Dat betekent trouwens niet dat ze alleen in en rond het huis bezig is: ze drijft handel, koopt akkers, en heeft bij dit alles ook oog voor mensen die het minder goed hebben. De belangrijkste eigenschap van de ideale vrouw, belangrijker dan schoonheid en bedrijvigheid, is volgens de schrijver āontzag voor de HEERā (Spr. 31:30).
Voor mannen is er niet zoān overzichtelijke lijst met ideale eigenschappen. Die moet
je dus uit verschillende teksten bij elkaar zoeken, en daardoor ontstaat er best een gevarieerd beeld. Wel zie je steeds weer dat vertrouwen op God belangrijker is dan āstoereā eigenschappen zoals spierkracht, macht of welbespraaktheid. Denk maar aan voorbeelden zoals de stotterende Mozes, of aan Paulus die over zichzelf zegt dat hij āangstig en onzekerā was (1 Kor. 2:3). Dankzij hun geloof stegen ze boven zichzelf uit en zetten ze dingen in beweging die ze zelf niet voor mogelijk hadden gehouden. Een ander belangrijk principe is verantwoordelijkheid. In de wereld van de Bijbel hadden mannen over het algemeen meer macht dan vrouwen. In de wetten van Mozes, in de profetenboeken en ook in het Nieuwe Testament worden ze telkens opgeroepen om die macht niet te misbruiken, maar juist in te zetten voor mensen in een zwakkere positie (bijvoorbeeld Deut. 15:1-18; Ezech. 34:1-16). Een mooi voorbeeld is Boaz, die met zijn rijkdom en invloed voor een nieuw begin zorgt voor Ruth en Naomi ā trouwens pas na enige aansporing door de vrouwen in het verhaal.
Tegenwoordig is er steeds meer aandacht voor mensen die zich niet thuis voelen in de traditionele man-vrouwverdeling. Hoe zit dat in de Bijbel?
Termen als transgender, non-binair en intersekse waren de schrijvers van de Bijbel onbekend. En op het eerste gezicht lijkt er ook weinig ruimte te zijn voor andere dan de traditionele genderrollen. Denk maar aan teksten zoals Deuteronomium 22:5 of 1 KorintieĢrs 11:2-16, waar best strak wordt voorgeschreven hoe mannen en vrouwen zich moeten kleden en gedragen. Maar ook in de tijd van de Bijbel waren er mensen die niet zomaar āpastenā. Bijvoorbeeld eunuchen: mannen die aan het hof werkten, vaak in de buurt van de vrouw(en) van de koning of de keizer. Om op seksueel gebied geen bedreiging te vormen, werden ze gecastreerd, āontmandā. Dit is natuurlijk niet hetzelfde als een trans persoon die een geslachtsveranderende of -bevestigende behandeling ondergaat. Dat gebeurt immers omdat diegene dit juist verlangt. Maar het laat zien dat er ook in de tijd van de Bijbel mensen waren met een lichaam dat anders was dan de simpele indeling in āmannelijkā en āvrouwelijkā doet vermoeden.
Over deze mensen lees je in de Bijbel heel verschillende dingen. Volgens sommige teksten moesten ze van de gemeenschap worden uitgesloten omdat hun lichaam niet meer compleet was (bijvoorbeeld Deut. 23:2), maar volgens Jesaja 56:2-4 horen eunuchen er volop bij. De eerste persoon die na de hemelvaart van Jezus gedoopt wordt, is nota bene een eunuch uit EthiopieĢ (Hand. 8:27-29). Veel transgenders zien in de doop van de eunuch een bevestiging dat ze er mogen zijn met hun eigen genderidentiteit.
Ook christenen die het verschil tussen man en vrouw als een scheppingsgegeven zien, erkennen overigens dat er niet maar eĢeĢn manier is om het man- of vrouw-zijn vorm te geven. Wat de Bijbel daarover zegt, sluit namelijk lang niet altijd aan bij wat wij misschien als typisch mannelijk of typisch vrouwelijk zouden zien. Jakob, een man, was graag aan het koken bij de tenten (Gen. 25:27-29). JaeĢl, een vrouw, wordt bezongen als dappere strijdster (Recht. 5:24-27). Mozes, die stotterde, was een heel ander soort man dan zijn broer AaĢron, die welbespraakt was (Ex. 4:13-17). De impulsieve krachtpatser Simson (Recht. 14ā16) was een heel ander soort man dan de meer aarzelende Gideon (Recht. 6ā8). En ook van Jezus kun je je afvragen of Hij paste bij de genderverwachtingen van toen: Hij bleef ongetrouwd (voor een Joodse man erg ongebruikelijk), liet regelmatig iets van zijn emoties zien (in de Grieks-Romeinse wereld toch echt iets voor vrouwen), en stierf uiteindelijk een vernederende dood aan het kruis ā een schijnbaar ultiem en onmannelijk verlies aan controle.
God maakt mensen ā mannelijk en vrouwelijk ā als zijn beeld, maar is zelf niet in eĢeĢn genderidentiteit te vangen. Hij laat zichzelf als āVaderā aanspreken, maar vergelijkt zichzelf ook met een liefdevolle moeder (Jes. 66:13). En ook al ziet de realiteit er nu vaak nog anders uit, Galaten 3:28 laat zien dat er eĢeĢn ding is dat uiteindelijk alle verschillen tussen mensen relativeert en overstijgt: onze identiteit in Christus!