Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Eva is doof geboren: ‘Ze maakten apengebaren naar mij’

15 december 2021 · Leestijd 6 min

“Ben je doof ofzo?” vroeg de man chagrijnig aan Eva. “Eh, ja,” was haar enige eerlijke antwoord. De twintigjarige werd doof geboren en is daar trots op, want: “Doof zijn is geen handicap!” Redacteur Marlieke ging met Eva in gesprek en vroeg haar hoe het is om doof te zijn in een – grotendeels – horende wereld.

We nemen alle drie plaats op een barkruk: Eva, tolk Lea en ik. De tolk gaat zo zitten dat Eva haar goed kan zien. Lea vertaalt mijn vragen in gebarentaal en Eva’s reactie in gesproken taal. Vlak voor het interview doet Eva haar hoorapparaten uit. Waarom heeft ze die eigenlijk? “Ik heb 95 decibel gehoorverlies. Veel mensen denken dat doven niets kunnen horen, maar vaak is er wel wat restgehoor over. Zo ook bij mij. Om de geluiden die ik kan horen te versterken, heb ik hoorapparaten. Daarmee kan ik 80 procent horen. Best veel, zou je denken, maar die apparaten versterken alles. Dus ook de snelweg in de verte of de muziek op een feestje. Eigenlijk heb ik geen filter, zoals horende mensen dat wel hebben. Ondanks de apparaten en ondanks dat ik gewoon kan praten, blijf ik doof. Daarom zie ik de Nederlandse Gebarentaal als mijn moedertaal!”

Tekst loopt door onder video:

De weergave van deze tweet vereist jouw toestemming voor social media cookies.

Toestemmingen aanpassen

Ik vraag of Eva doof is geboren. “Ja, dat klopt. Net als mijn oudere zus. Onze drie broertjes kunnen wel horen. Ik houd van ze allemaal, maar de band met mijn zus is wel extra speciaal. We begrijpen elkaar veel beter.” Ik zie hoe Eva niet met alleen haar handen, maar ook met haar mimiek vertelt. “Toen ik een halfjaar oud was, kreeg ik hoorapparaten. Als kind ging ik vier dagen in de week naar een dovenschool: ik vond het er fantastisch! Iedereen had wat ik had. Daarnaast ging ik elke woensdag naar een horende school, dichterbij huis. Ik ging er vooral naartoe om vrienden in de buurt te maken. In het dorp waar ik woon zijn mijn zus en ik namelijk de enige doven. Dat is soms best eenzaam.”

Vooroordelen

Ik kan aan Eva niet zien dat ze doof is. Daarom ben ik benieuwd hoe de meeste mensen reageren als ze dat ontdekken. “Sommigen raken een beetje gestrest. Ze weten niet wat ze moeten doen of hebben veel vragen. Als ik dan tegen iemand begin te praten, dan zie ik ze denken: ‘Oh, gelukkig, je kunt gewoon met haar communiceren.’ Het is een vooroordeel dat dove mensen niet kunnen praten of dat ze een rare klank in hun stem hebben. Ook zijn er mensen die denken dat ik dom ben. Vol medelijden zeggen ze dan: ‘Oh, je kunt dus helemaal niets!’ Dan denk ik: huh? Ik kan gewoon alles, behalve horen.”

Ik zielig? Ik kan alles, behalve horen

Eva’s gezicht betrekt een beetje. “Als ik vroeger met vrienden in een restaurant zat en aan het gebaren was, maakten anderen hier grappen over.” Eva draait haar handen naar haar oksels en articuleert ‘oeh, oeh, oeh.’ “Ze deden apen na, alsof mijn gebaren een apentaal waren. Dat deed me pijn. Gelukkig is de Nederlandse Gebarentaal sinds oktober 2020 officieel erkend!”

Een échte taal

Als ik vraag waarom het zo belangrijk is voor Eva dat gebarentaal erkend is, begint ze te stralen. “Het is mijn moedertaal! En nu is officieel vastgesteld dat het écht een eigen taal is, met een eigen grammatica en eigen humor. Het staat op papier. Ik zie doof zijn absoluut niet als een handicap. We hebben echt een soort eigen wereld: ik trek op met dove vrienden en samen gaan we naar dovenactiviteiten. Ik ben supertrots op onze community!”

Erbij horen

“Sommige doven voelen zich prettiger in de horende wereld, anderen in de dovenwereld. Zij vinden dat je moet kiezen tussen die twee. Maar ik leef en communiceer gewoon in beide werelden: ik voel me er even thuis. Ik werk bijvoorbeeld in een horende omgeving, maar heb ook feestjes waar alleen maar dove mensen zijn. Wij doven vinden het heel leuk als iemand een beetje kan gebaren. Het hoeft echt niet heel vloeiend te gaan; gewoon dat iemand moeite doet betekent al veel. Als je onze taal wil gebaren, dan hoor je er al snel bij en ben je welkom.”

Toch blijft communicatie in zo’n horende wereld weleens lastig, vertelt Eva mij via de tolk. “Als er in de trein iets wordt omgeroepen, dan kan ik het niet verstaan. Ook maken mondkapjes het heel ingewikkeld: daardoor kon ik niet meer liplezen. Dat vind ik echt niet prettig. Heel lang kon je alleen bellen naar 112. Dat is voor doven vaak natuurlijk helemaal niet mogelijk! Gelukkig is er nu ingesteld dat je ook kunt sms’en. Ik hoop dat er in de maatschappij steeds meer rekening wordt gehouden met doven. Hoe vet zou het bijvoorbeeld zijn als je op de middelbare school les krijgt in gebarentaal?”  

'Ben je doof ofzo?!'

Als ik naar Eva’s verhaal luister, kan ik me best indenken dat ze soms boos is. Boos dat we in de maatschappij niet meer rekening houden met doven. Hoe kijkt ze hier tegenaan? “Boos word ik niet. Wel moet ik soms lachen om de onwetendheid van mensen. Zo werkte ik ooit in een snackbar. Het was er heel druk, met veel lawaai, toen er een nieuwe klant binnenkwam. Hij wilde bestellen, maar ik kon hem erg slecht volgen. Ik reageerde dus vaak met ‘Wat? Wat zegt u?’. Hij raakte gefrustreerd en riep: ‘Ben je doof ofzo?!’ Het werd direct helemaal stil in de snackbar. Toen ik reageerde met ‘uh, ja, ik ben doof’, schrok hij zich kapot. Het enige wat ik nog kon, was keihard lachen. Ik zal zijn gezicht nooit meer vergeten!”

Loop niet weg

Tot slot vraag ik aan Eva wat ik – als horende – kan doen om meer rekening te houden met mensen die doof zijn. “Praat gewoon duidelijk en rustig. Je hoeft echt niet overdreven te articuleren, maar neem er gewoon de tijd voor. En als dat niet lukt, dan kun je altijd pen en papier pakken, of iets op je telefoon typen. Het belangrijkste is: niet meteen weglopen als de communicatie even niet lukt. Als mensen moeite doen, dan waardeer ik dat enorm! Het kan misschien wat langer duren om met mij te praten, maar samen komen we er wel.”

Jisca (12) en Stefan (16) hebben dove ouders: "Ik vind het júist leuk dat we thuis met gebaren praten"

Lees ook over:

Jisca (12) en Stefan (16) hebben dove ouders: "Ik vind het júist leuk dat we thuis met gebaren praten"

Geschreven door

Marlieke