15 januari 2020

TIJDLIJN: Zo ontstond de Bijbel

Je kan preek na preek luisteren of studieboeken lezen totdat je erbij neervalt, het ontstaansproces van de Bijbel blijft lastig te begrijpen. Geen boek op aarde is dan ook zo goed en betrouwbaar overgeleverd als de Bijbel, zo’n 3000 jaar lang is door tientallen verschillende en soms onbekende auteurs aan dit meesterwerk gewerkt! Deze tijdlijn geeft een idee van de epische reis die de verhalen hebben afgelegd die jij leest als je je bijbelapp opent.

Eerste keer genoemd (1300 voor Christus)

De eerste keer dat er in de Bijbel zelf wordt gesproken over het schrijven van de Bijbel is in Exodus 17. Het volk van Israël is ontsnapt uit Egypte en loopt door de woestijn. Ze worden bijna overvallen door een andere stam als God hen redt. In de Bijbel staat het volgende: “De Heer zei tegen Mozes: ‘Jullie moeten goed onthouden wat er gebeurd is. Daarom moet je het opschrijven.” (Exodus 17: 14a) Dit is de eerste keer dat er opdracht wordt gegeven geschiedenis te schrijven. De meeste historici zijn het erover eens dat de uittocht van Egypte ongeveer 1300 jaar voor de geboorte van Jezus plaatsgevonden zou kunnen hebben.  

Gouden boekrol uit de hemel

De opdracht die God aan Mozes geeft (“jullie moeten dit onthouden, schrijf het dus op”) is niet heftig of geestelijk, maar is een vrij normale opdracht. Nergens staat dat de Heilige Geest bezit van Mozes neemt, hij in een geestelijke donderwolk belandt of God via Mozes’ hand de Bijbel schrijft. Voor sommige christenen is het moeilijk te bevatten dat de Bijbel ook een menselijk boek is. In de christelijke cultuur wordt de bijbel soms heel heilig gemaakt en komen christenen in een crisis als de ‘menselijke dingen’ boven water komen. Er is bijvoorbeeld ooit een vertaalfout gemaakt waardoor de kunstenaar Michelangelo dacht dat Mozes met hoorns van de berg afdaalde in plaats van met een stralend gezicht. Resultaat: een beeld van Mozes met hoorns op zijn hoofd. Later is deze spelfout ontdekt en gecorrigeerd. De Bijbel is geen gouden boekrol uit de hemel. De boeken zijn geschreven door veel verschillende handen over drieduizend jaar heen.

De Bijbel past in deze gekke, onbegrijpelijke categorie

De Bijbel is goddelijk geïnspireerd en menselijk tegelijk. Een voorbeeld: denk eens aan Jezus. Jezus was een mens, hij had een moeder, hij sprak Aramees en moest ook gewoon naar de wc. Maar Jezus was ook God. Hij was beide, niet het ene meer dan het andere. De Bijbel past ook in deze gekke categorie die niet goed te begrijpen is. Omdat de Bijbel goddelijk geïnspireerd is, betekent dat niet dat mensen het niet opgeschreven kunnen hebben en vice versa. Ze horen bij elkaar, zijn onafscheidelijk.

Zegelring van Bijbelse auteur teruggevonden (580 voor Christus)

In het boek Jeremia (hoofdstuk 36) spreekt God weer en zegt Hij dat Jeremia alles moet opschrijven wat hij de afgelopen 25 jaar heeft gezegd en gedaan. (Stel je voor dat jij die opdracht krijgt … Dan baal je.) Jeremia huurt schrijver Baruch in om alles op te schrijven wat hij dicteert. Het is dus niet zo dat de titel van een Bijbelboek ook direct betekent dat dit de schrijver is. Cool feitje: De zegelring van de schrijver Baruch is in 1975 teruggevonden tijdens een archeologische opgraving in de buurt van Jeruzalem. Zijn bestaan is dus wetenschappelijk bewezen.   

De Septuagint (200 voor Christus)

Tegenwoordig hebben we geen originele Bijbelboeken of gedeeltes meer. Hoe weten we dan dat het betrouwbaar is wat er in de Bijbel staat? We hebben 3 ijzersterke manuscripten. Dat zijn kopieën van de originelen.  

Ongeveer 300 tot 100 jaar voor Jezus werd de Septuagint geschreven. Alexander de Grote regeerde rond die tijd en had een duidelijke missie: Iedereen in zijn rijk moest Grieks leren en gebruiken. De Hebreeuwse Bijbelboeken zijn dus vertaald: dat is de Septuagint. Van deze Septuagint (alle boeken van het Oude Testament) zijn duizenden kopieën gemaakt die in allerlei bibliotheken door Europa en het Noord-Afrika terecht kwamen.

Foutje in de jaartelling (4 jaar voor Christus)

Jezus is vier jaar voor het jaar nul geboren. De kalender met Jezus als middelpunt werd 1500 jaar geleden gemaakt. Intussen zijn onze meetinstrumenten verbeterd en weten we dat de jaartelling dus eigenlijk niet helemaal klopt.  

Jezus leest voor uit de Bijbel (30 jaar na Christus)

Jezus verwees in zijn tijd op aarde al terug naar het Oude Testament. In Lukas 4 lees je bijvoorbeeld dat Jezus op sabbat in de synagoge voorleest uit de boekrol van Jesaja, die daar dus beschikbaar was. In de Bijbel lees je dat Jezus deze teksten ziet en uitlegt als een groot verhaal dat verwijst naar hem, de zoon van God. Dat Jezus zichzelf de zoon van God noemde is iets wat de mensen toentertijd niet vonden kunnen. Uiteindelijk laten ze hem vermoorden als hij ongeveer 33 jaar oud is. Jezus had veel volgelingen die na zijn dood en opstanding doorgaan met het schrijven van Bijbelboeken. 

De brieven van de apostelen (50 jaar na Christus)

Het Nieuwe Testament is een verzameling van de best bewaarde boeken in de geschiedenis. Ze zijn veel vaker gekopieerd en betrouwbaarder dan bijvoorbeeld verhalen over Caesar of de teksten van filosoof Plato.  

Ook deze boeken zijn op een ‘menselijke’ manier tot stand gekomen. De auteur (en arts) Lucas schreef één van de evangeliën. Hij is hoogstwaarschijnlijk op een maandagochtend gaan zitten achter zijn bureau waar hij een lijstje maakte van mensen die hij wilde spreken: Petrus, Maria, de broers van Jezus. Heel gek om te bedenken, maar die leefden in die tijd allemaal nog! Lucas zegt zelf in zijn boek dat hij meerdere bronnen heeft gebruikt tijdens het schrijven van zijn tekst. Historici denken dat het evangelie Marcus eerder is geschreven en dat Lucas deze ook als één van zijn bronnen heeft gebruikt. 

Inkijkje in de mail van Jezus' volgelingen

In de Bijbel zijn 21 brieven opgenomen. Je zou kunnen zeggen dat je hier een inkijkje krijgt in de mail van een aantal volgelingen van Jezus. In deze brieven lezen we ook dat van de gemeentes wordt verwacht dat ze de brieven doorsturen, zodat zoveel mogelijk mensen de inhoud horen of lezen. Je zou kunnen zeggen dat bepaalde brieven viral zijn gegaan en nu zelfs voor ons nog belangrijk zijn. Grappig weetje: Paulus schreef de brief aan de Romeinen niet zelf en 1 Petrus werd opgeschreven door een onbekende man met de naam Silvanus. Hoe we dit weten? Dat is geen geheim, het staat in de brieven zelf.

Het laatste Bijbelboek geschreven (100 jaar na Christus)

Het laatst opgeschreven boek van het Nieuwe Testament (waarschijnlijk Openbaringen) is maximaal 100 jaar na Christus geschreven. Het Nieuwe Testament is dus in een korte periode geschreven vergeleken met het Oude Testament waar ruim 1000 jaar voor nodig was. Het boek Openbaringen wordt door ons vaak als een bizar boek gezien, maar was in de tijd dat het werd geschreven volledig begrijpelijk en normaal voor de Joden. Er zijn meer van dit soort verhalen met draken en visioenen uit die tijd gevonden.

Kleine foutjes zijn niet fataal (200 jaar na Christus)

De boeken uit het Nieuwe Testament zijn duizenden keren gekopieerd op de locaties waar zich de meeste christenen bevonden. Denk aan landen als Turkije (voornamelijk de stad Efeze), Italië (Rome), Syrië en Egypte. Er werden tijdens het kopiëren soms wel kleine foutjes gemaakt aangezien dit helemaal met de hand ging. Denk hier aan omgewisselde letters of verkeerd geplaatste leestekens. Gelukkig werden er zoveel kopieën gemaakt dat een kleine fout niet fataal was omdat niet iedereen deze fout overnam. 

Boeken verbrand (303 na Christus)

In 244 na Christus wordt Diocletianus geboren. Hij wordt een Romeinse keizer en ontdekte al snel dat christenen weigerden te offeren aan de oude Romeinse goden. Samen met zijn drie collega-keizers besloot hij christenen te vervolgen omdat christenen voor onrust zorgden in zijn rijk. In die periode van vervolging zijn veel kerkgebouwen, manuscripten en zelfs christenen in vlammen opgegaan. Na de regeerperiode van deze keizer, is er een stijging van het aantal kopieën van de Bijbelse boeken. Dit heeft er waarschijnlijk mee te maken dat de schrik er goed in zat en dat alle christenen die konden schrijven, als een gek de manuscripten die ontsnapt waren aan het vuur, zijn gaan overschrijven.

Masoretische tekst (500 - 1000 na Christus)

De Masoretische tekst is het eindproduct van het werk van de Masoreten. Dit waren Joode geleerden die leefden in Palestina en Babylon, 500 jaar lang kopieerden zij Hebreeuwse manuscripten van de eerste vijf boeken van het Oude Testament. Ze werkten belachelijk precies: Ze telden zelfs de letters. Het middelste woord van de Masoretische tekst is ‘buik’ (Leviticus 11:42). Dit wisten en checkten ze. Ze maakten dit woord dikgedrukt en lieten zo zien dat ze alles tien keer nagekeken en nageteld hadden. Uiteindelijk zijn er meer dan 6000 manuscripten geschreven door de Masoreten. Een ontzettende belangrijke schakel waardoor wij de Bijbel zoals hij is vandaag, kunnen lezen. 

Desiderius Erasmus (1542 na Christus)

Eindelijk verschijnt de eerste Nederlander op het toneel! Desiderius Erasmus zat een poosje in een klooster in Gouda, maar vond dat niets. Hij was in die tijd een hooggeplaatste geleerde en sprak goed Latijn. Hij leerde Grieks erbij en besloot de manuscripten van het Nieuwe Testament zelf opnieuw te vertalen naar het Grieks Niet iedereen was daar in die tijd trouwens blij mee. Maarten Luther wel. Hij gebruikte het werk van Erasmus om de Bijbel te vertalen naar het Duits en in 1526 werd deze Duitse Bijbel van Luther gebruikt als basis voor de eerste volledige Nederlandstalige Bijbel: de Liesveldtse Bijbel. (De uitgever heette Jacob van Liesveldt, vandaar).  

De Dode Zeerollen (1947 na Christus)

Het was een enorme verrassing toen twee jongens in 1947 in een grot vlakbij Jericho, oude manuscripten in grote vazen vonden. Het gebied werd afgezet en 10 jaar lang werden er ongeveer 200 handschriften van de Hebreeuwse bijbel gevonden in elf verschillende grotten. Alle Bijbelboeken (behalve Esther, die was niet meer leesbaar) werden daar gevonden, Deuteronomium lag er zelfs 30 keer. Deze vondst was ontzettend belangrijk, want met deze oude manuscripten kon gecheckt worden of het kopiëren tot nu toe correct was gebeurd. Als de Septuagint nu heel anders zou blijken dan deze gevonden teksten, zou deze niet betrouwbaar zijn. Dit was niet het geval, de manuscripten kwamen precies overeen met de Griekse vertaling uit 200 voor Christus en bewezen dus dat de Bijbel door alle jaren heel ontzettend zorgvuldig was doorgegeven.

Verschillende vertalingen (2020 na Christus)

Er zijn grofweg twee manieren waarop de Bijbel wordt vertaald: formeel of dynamisch. Formeel is heel letterlijk en trouw aan de grondtekst, het kan zijn dat een zin in het Nederlands heel gek klinkt omdat er vastgehouden wordt aan de Hebreeuwse of Griekse volgorde van woorden. Dit is het geval in bijvoorbeeld de (Herziene) Statenvertaling. Dynamisch daarentegen is meer gericht op leesbaarheid. Er wordt niet vastgehouden aan de exacte woorden, maar het is hier belangrijk dat het idee of de bedoeling van de originele tekst goed verwoord is. Dit is bijvoorbeeld het geval bij Het Boek. Veel fijner om te lezen, wel minder goed als je de Bijbel echt wilt bestuderen. Deze vertalingen spreken elkaar niet tegen maar vullen elkaar aan. Wil jij de Bijbel zo goed mogelijk begrijpen? Lees vooral verschillende soorten vertalingen. 

Dit artikel verscheen in de kersteditie van ons BEAM Magazine, het tijdschrift dat BEAM-supporters 4x per jaar thuis krijgen. Jij nog niet? Vraag gratis een proefexemplaar aan!

Lees meer

Volg ons