Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
2 februari 2018

COLUMN: Over die keer dat mijn vader me naar Australië bracht

Toen ik op kamers ging, was mijn vader zo lief om me te brengen. Daar heb je toch vaders voor, denk je misschien. Totdat ik je vertel dat mijn kamer zich 16.216 kilometer van mijn ouderlijk huis bevond.

Het gebeurde in mijn tweede studiejaar. Mijn studiegenootje en ik fantaseerden dat het best leuk zou zijn om ons in te schrijven voor een semester in een land ver weg. Dat we ook daadwerkelijk werden aangenomen aan de University of Queensland in Brisbane (Australië), had ik in de verste verte (haha) niet zien aankomen.

Toen ik mijn mail opende, kon ik nog maar net de woorden ‘Congratulations, you are accepted …’ lezen, voordat ik in huilen uitbarstte. Mijn vader, bezig met het inruimen van de vaatwasser, schrok zich rot en vroeg wat er aan de hand was. “Pap”, *harde snik*, “volgens mij ga ik naar Australië.”

Natuurlijk zou mijn vader me brengen. Hij wilde wel weten waar zijn 18-jarige dochter terecht zou komen. Ik denk niet dat ik me goed besefte hoe bijzonder het was, dat hij er vakantiedagen, heel veel geld en een jetlag van hier tot Tokyo (of eigenlijk Sydney) voor over had.

Ik was dan wel voor de wet volwassen, stiekem was ik enorm opgelucht dat hij met me meeging. Want ik was doodsbang. Nog nooit was ik zo ver en lang van huis geweest. Wat als ik door de mand viel, dat ik dit helemaal niet aankon? Als ik zoveel heimwee zou krijgen dat ik niet meer kon functioneren? Ik voor gek zou staan als ik stuntelend een presentatie in het Engels moest geven? Ik wilde die grote, wijde wereld echt wel ontdekken, maar was nog niet stoer genoeg om het alleen te doen. “Je moet even een drempel over”, zoals mijn vader het omschreef.

Het liefst heb ik bij iedere drempel iemand bij me die m’n handje vasthoudt

Er volgden meer drempels. Sollicitatiegesprekken. Moeilijke telefoontjes. Nieuwe banen. Verstandskiezen die getrokken moeten worden. En elke keer als het weer zover is, schijt in mijn broek. Kan ik zo onzeker worden en zie in gedachten alle horrorscenario’s al voorbijkomen.

Het liefst heb ik bij iedere drempel iemand bij me die m’n handje vasthoudt. Helaas heeft mijn vader (die met een kleine letter, bedoel ik dan) niet altijd tijd. En het mooie is: hoe meer drempels ik neem, hoe vaker ik ervaar dat ik ze vooraf veel groter heb gemaakt dat ze eigenlijk zijn. Dat het geen hoge bergen, maar hobbeltjes zijn.

Na mijn halfjaar in Australië, verhuisde ik naar een ander ‘studentenhuis’. Gewoon in Nederland. Op nog geen 100 meter afstand van mijn ouderlijk huis (echt waar).

Mijn vader? Die bleef thuis. 

Volg ons