Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
14 juli 2017

Jasmin: “Mijn meervoudiggehandicapte zus stierf op haar 18e”

Jasmin Nijs (23), die afgelopen jaar haar bachelor Muziekwetenschap afrondde, verloor haar oudere zus Sureka. Dat het inmiddels twaalf jaar geleden is, maakt het niet minder pijnlijk.

“Ik ben, net als mijn twee zussen, geadopteerd. Ik uit China, Shanthy (27) en Sureka uit Sri Lanka. Een paar maanden nadat mijn ouders Sureka hadden geadopteerd, kwamen ze erachter dat ze meervoudig gehandicapt was. In het begin was het nog niet zichtbaar, maar toen haar ontwikkeling uit bleef, zijn ze onderzoek gaan doen. Sureka zat in een rolstoel, kon niet praten en had sondevoeding. Toen ze in de puberteit kwam, had ze nog het denkvermogen van een kind van vier. Toch was ze – in tegenstelling tot sommige andere gehandicapten - altijd heel aanwezig. Als je haar iets vroeg kon ze niet antwoorden met woorden, maar wel met geluiden of door haar ogen te bewegen. Het was niet moeilijk om contact met haar te maken.

In ons gezin kreeg Sureka de meeste aandacht. Ik voelde me niet achtergesteld. Ze had nou eenmaal 24/7 zorg nodig. Voor ons was dat heel normaal. En ondanks dat deden we nog vaak genoeg leuke dingen met zijn vijven. Regelmatig gingen we naar de dierentuin, het winkelcentrum of het park. Al was dat altijd een hele organisatie. Alles moest gepland worden, omdat ze op tijd moest eten en de hele dag door medicijnen nodig had. Impulsief de deur uitgaan, zat er niet in.

Het moment dat ze overleed was onwerkelijk

Sureka was achttien jaar, ik elf, toen ze erg achteruit ging. Ze belandde in het ziekenhuis. Ondanks dat we verdrietig waren, omdat we wisten dat het niet lang zou duren voordat ze zou overlijden, was het ook een logistieke uitdaging. Mijn andere zus en ik moesten opgevangen worden als mijn ouders naar het ziekenhuis gingen. We waren veel bij familie. Juist door die hectiek besefte ik niet altijd wat er allemaal gebeurde. Toen mijn vader het gesprek met ons aanging, wist ik meteen dat ze niet lang meer te leven zou hebben. Dat was schrikken. In het ziekenhuis kwam de dominee langs en hebben we met elkaar gebeden. Het was een mooi afscheid. Toch was het moment dat ze echt overleed onwerkelijk. Alsof het niet echte gebeurde. Ik ervoer alles in een roes. Mijn ouders bleven rustig en stabiel, waardoor ik niet in paniek raakte.

Het was gek, maar het leven ging daarna gewoon verder. Alles draait door. Mijn ouders vielen in een gat. Zij hadden ineens heel veel vrije tijd, doordat ze niet meer voor Sureka hoefden te zorgen. Onze band was niet beter of slechter. We spraken gewoon niet over de situatie. Zelf zat ik in groep 8 en ging ik naar de middelbare school. Ik vulde mijn gemis op door veel dingen te doen. Ik probeerde te kijken naar de dingen die ik nog wel had: een moeder, een vader, een zus. 

Ik mis haar nog altijd iedere dag. Ze was de meest vrolijke, liefdevolle persoon die ik ooit gekend heb. Ze lachte veel en kon genieten van de kleine dingen. Met grote gebeurtenissen in mijn leven, zoals het behalen van een diploma, vind ik het jammer dat ze er niet bij is.

Het was pijnlijk om iemand te verliezen die zo dicht bij je staat, maar ik heb geleerd dat je je niet schuldig moet voelen over hoe het is gelopen. Dat je niet moet nadenken over wat je anders had kunnen doen toen hij of zij nog in leven was. En het is heel belangrijk om met de mensen om je heen te praten over wat er is gebeurd. Zeker als het je dwars zit of als het je te veel wordt.”

Mis jij ook een familielid, vriend, vriendin of misschien een huisdier? Mail jouw verhaal naar [email protected] of app ons (wel eerst lid worden door 'BEAM aan' naar 06-83673700 te whatsappen).

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden