Icon--npo Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley Icon--menu Icon--chevron-down Icon--npo3
2 september 2016

Begrippen die je als student MOET kennen

Zonder de kennis van deze begrippen ga je een moeilijke studententijd tegemoet. Lees en leer!

1. Thuis-thuis

Je zit op kamers, dat is thuis. Als je praat over je ouderlijk huis, praat je over thuis-thuis.

2. Brassen

Iets weghalen bij een ander studentenhuis of een andere vereniging. Dit kan een dispuutsvoorwerp zijn, maar ook een bestuurslid van de vereniging.

 

3. Sjaars

Als je dit woord hoor, let dan goed op: het gaat over jou. De eerstejaars student. 

 

4. Burger/Pauper

Dit is een niet-student. Ook wel 'arbeider' genoemd. Het verschil: Een burger wast af naá het eten, een student vóór het eten.

5. BVO

Bier voor onderweg.

6. Nep-student

Zo noemen universiteitsstudenten je als je een hbo of mbo student bent. Flauw.

 

7. Hospiteren

Langsgaan bij een studentenhuis tijdens een kijkavond en proberen een kamer in het huis te bemachtigen. Zenuwslopend.

8. Grondpizza leggen

Kotsen :( 

 

9. Tupperware

Het studentenleven is duur. Daarom zijn er slimme studenten die op zondagavond voor de hele week koken en dit allemaal invriezen voor de rest van de week. Slim he? Gratis tip. 

Weten wat voor soort student jij bent? DOE DE TEST!

Volg ons