20 november 2020

COLUMN: Ik wil een wereldverbeteraar zijn, is dat onrealistisch?

Heb je wel eens een middagje besteed aan het visualiseren van je dromen, je verwachtingen voor dit jaar en de doelen in je leven? Geen paniek, ik ook niet. Ik kijk liever mijn favoriete Netflixserie voor de derde keer. Totdat ik ineens dacht: Wat ben ik nou eigenlijk aan het doen? Word ik hier gelukkig van?

Toen ik klein was, liet ik me leiden. Onbewust, want ik wist gewoon niet welke kant ik op moest. Soms had ik het idee dat ik dat wel wist. Zo dacht ik op mijn derde dat ik mijn vader écht niet nodig had om te helpen skiën. Daar skiede ik dan, zonder enige controle bijna de berg af. Of ik wilde toch achter die bal aan de weg op rennen. Die auto die op me afreed, ja, die had ik even gemist toen ik zes was.

Op een gegeven moment werd ik ouder en ging ik naar de middelbare school. Er waren momenten dat ik in het weekend met vriendinnen was en ik als enige voor twaalf uur thuis moest zijn. Veel te vroeg naar mijn mening, maar ik durfde niet tegen mijn ouders in te gaan.

Wat wil ik?

Nu ik 22 ben, weet ik veel beter wat ik wil. Nog steeds zeggen vriendinnen wel eens tegen me: ‘Je ziet er moe uit. Weet je zeker dat je niet wat meer rust moet pakken?’ Rust?!, denk ik dan. Dat doe ik wel als ik tachtig ben in het bejaardentehuis. Ik ben iemand die het iedereen graag naar de zin wil maken. Iemand die de behoefte van anderen belangrijker vindt dan die van mezelf. Een tijdje terug nam ik bewust wat tijd voor mezelf om te bedenken wat IK nou graag wilde.

Ineens kreeg ik een gedachte die ik al jaren niet meer had gehad. De laatste keer dat ik eraan dacht, was ik een jaar of acht. Ik wilde namelijk de wereld verbeteren. Als achtjarig meisje lag ik ’s nachts in mijn bed hele scenario’s te bedenken: Een wat oudere man die een soort conferentie leidde, riep mij naar voren. Er volgde veel applaus en ik begon mijn speech. Mensen luisterden aandachtig en ik benoemde een aantal belangrijke punten waardoor we de wereld konden verbeteren. De volwassenen in de zaal verbaasden zich over de kennis die ik bezat als achtjarige. De simpelheid waarmee we de wereld konden veranderen.

Ik ben die visie uit het oog verloren

Op de een of andere manier ben ik die visie uit het oog verloren. Wellicht dacht ik onbewust dat het geen realistisch doel zou zijn of misschien ben ik het gewoon vergeten. Maar nu ik er weer aan denk, besef ik dat het helemaal niet zo onrealistisch is als ik mezelf misschien had wijsgemaakt.

Met kleine stapjes

Tijdens mijn stage bij BEAM verbeter ik namelijk de wereld. Misschien niet op een manier waardoor je het meteen merkt, maar in kleine stapjes. Doordat ik artikelen mag schrijven, spreek ik mensen met de meest unieke en bijzondere verhalen. Verhalen die bij BEAM een platform krijgen om andere mensen aan te spreken, te inspireren. Ze zorgen voor begrip en daardoor voor verbinding. We krijgen geregeld appjes binnen over de herkenning die de verhalen geven. Dat jongeren er wat aan hebben gehad. En wat is nou een mooiere manier om de wereld te verbeteren, dan klein te beginnen? Want, een vlinder die hier met zijn vleugeltjes wappert, kan ergens anders een orkaan veroorzaken. Die onrealistische droom van vroeger is dus vaak helemaal niet zo onrealistisch als je dacht.

Ik kan nog steeds niet alles zelf en ik weet ook niet alles

En wat betreft het leiden van vroeger? Ik kan nu prima in mijn eentje de weg oversteken. Skiën is ook een eitje. Ik heb er dan ook genoeg tijd voor gehad om het te leren. Ik kan nog steeds niet alles zelf, ik weet niet alles, ook niet nu ik 22 ben. Maar ik weet wel dat ik mag vragen om hulp bij dingen die ik lastig vind. Aan vrienden, familie en aan God. Waar ik me vroeger liet leiden, neem ik nu zelf de leiding. En dat kan ik prima. 

Lees meer

Volg ons