7 mei 2020

COLUMN: In mijn eentje, maar niet alleen

Voordat de aardbol praktisch stil kwam te staan door het coronavirus, kon ik nog gewoon naar mijn stageplek bij BEAM. Nu zit ik noodgedwongen thuis. Op zich geen straf, maar ik had het best goed voor mekaar: een kamer in Hilversum, op de fiets naar het werk en zelf mijn eten kopen en maken. ‘s Avonds een filmpje pakken in de bioscoop, om daarna tien minuten later alweer op mijn kamer terug te keren. Alles binnen handbereik, maar toch een gevoel van ongemakkelijkheid.

Het eerste bioscoopbezoek in Hilversum. Ik ging gauw zitten op mijn plekje middenin de zaal. Lachende jongeren deden mij twijfelen aan mijn keuze. Hebben ze het over mij? Heb ik iets grappigs gemist? Had ik niet beter thuis kunnen blijven? Ik wilde een reden laten zien waarom ik alleen naar de film was gegaan. Ik verschuilde mij achter mijn telefoon waar ik nadrukkelijk liet zien dat ik recensies schreef over films. Lettertype 40, schermhelderheid op 100 en dan moesten ze toch wel begrijpen dat ik een goede reden had om hier in mijn eentje te zitten, ondanks dat die reden compleet was verzonnen. Het voelde ongemakkelijk en dat gevoel was mij nog nooit eerder opgevallen. Althans, niet in de bioscoop, maar wel in de kerk.

Ik had het gevoel dat iedereen mij aankeek

 

Alleen naar de kerk gaan was lange tijd een groot taboe voor mij. Als mijn moeder niet ging, dan wilde ik ook niet. Doordat ik steeds vaker werd gevraagd om als pianist een paar nummers te begeleiden, moest ik weleens alleen naar de kerk. Ook dan had ik het gevoel dat iedereen mij aankeek, alsof ze allemaal wilden weten waar mijn moeder nou weer was gebleven. Ook dan wilde ik een reden laten zien waarom ik alleen was gekomen. Dus liep ik direct naar de piano om demonstratief het geluid te testen en mijn bladmuziek in de juiste volgorde te sorteren.

Hetzelfde doel

Toen de lichten uitgingen en de reclame werd getoond voor de film, herkende ik dit uit de kerkdienst. De lichten zijn in dit geval de kerkenraad die de kerkzaal betreed en de reclame is het welkomstpraatje voor de dienst. Op het moment dat de lichten uitgaan in de bioscoopzaal voelde ik mijn ongemakkelijkheid onmiddellijk verdwijnen. Vanaf dat moment had iedereen aandacht voor hetzelfde: de film. Zo was het ook in de kerk. Als ik de kerkenraad met de dominee achteroplopend de kerk zag binnenwandelen, dan wist ik: het gaat beginnen.

Dan ben ik in mijn eentje, maar niet alleen

 

Als ik er nu over nadenk, dan maakt het helemaal niet uit of ik nou alleen, met z’n tweeën of met mijn hele familie naar de kerk of bioscoop ga. Iedereen komt uiteindelijk voor hetzelfde doel: geloven in God of een (goede) film. Voor mij maakte die gedachte een wereld van verschil. Na de kerkdienst kwamen mensen naar mij toe om mij te bedanken voor het spelen in de dienst en tijdens het verlaten van de bioscoopzaal liep ik glimlachend voorbij een ouder echtpaar die ook begon te lachen om de film. Op die momenten was ik in mijn eentje, maar niet alleen en vond ik het helemaal niet meer erg dat ik alleen was gegaan.

Met dat in mijn achterhoofd zit in nu veel relaxter in de kerk of bioscoop. Nog net niet met een bak popcorn tijdens de preek.

Lees meer

Volg ons