Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
12 augustus 2017

"Schrijf dit stukje schuin, kan ik hem dwarslaesie"

We gingen samen zwemmen, samen voetballen, samen achter de meiden aan in de glijbaan. We stoeiden. Haakten elkaar pootje. Pakten een feestje en de dag erop een paracetamol. Mijn neefje was het broertje die ik nooit heb gehad. Tot we gingen studeren. Ik journalistiek, hij voor sportleraar. De intensiteit van de ontmoetingen nam af, maar de onuitgesproken band bleef bestaan.

Begin januari kwam het bericht: “Je neefje heeft een ongeluk met trampolinespringen gehad, hij heeft daarbij een dwarslaesie opgelopen vanaf z’n nek. Men vreest voor z’n leven.” Zeven weken intensive care en ontelbare operaties later is hij nu van ziekenhuis naar revalidatiecentrum verhuisd. Zijn armen doen het een beetje, alles daaronder is verlamd. “En kleine kans dat daar ooit nog verandering in gaat komen.”

Gelaten heb ik 2,5 maand alle berichten over zijn ‘voortgang’ voorbij zien komen. En nu mag ik op visite in het revalidatiecentrum. Ik wil hem dolgraag zien, maar nu het daadwerkelijk gaat gebeuren, vind ik het toch wel spannend. Wat is er nog van mijn neefje over? Hij heeft alles verloren. Moet helemaal opnieuw beginnen. Als een totaal ander persoon. Als mij dat zou overkomen, had het van mij niet meer gehoeven. Ik ben bij een pijntje in mijn knie al helemaal van mijn apropos. Laat staan dat ik mijn gehele knie nooit meer zou kunnen gebruiken.

Met een voorzichtige lach komt hij aanrijden in een rolstoel. Haartjes strak geknipt, sportbroek, sneakers, trainingsvestje. Zijn echte benen vastgebonden aan de nieuwe benenwagen. Niet hoe je je 21-jarige familielid het liefst ziet voortbewegen…

Er werd gevreesd voor zijn leven, maar mijn neefje is sterker dan de dood.

Ik kan niet veel uitbrengen, dus begint hij zelf met praten. Realistisch vertelt hij over zijn situatie en de vooruitzichten. Dat het natuurlijk t*f*sk*t is, maar dat hij niet veel verder komt als hij in dat gevoel van zelfmedelijden blijft hangen. Niemand zit te wachten op een constante chagrijn. “Ook niet als diegene een rolstoel onder z’n reet heeft.” Hij wil geen psychologen die praten over het verleden, maar werken aan zijn toekomst. “Waarom steeds praten over het ongeluk, als dit mijn huidige situatie is? Hier moet ik het mee doen, mijn oude leven is verdwenen. Kijk liever verder!”

In één klap was alles weg. Werk, dromen, gezondheid. Ik verwachtte een zielig hoopje mens te treffen, maar het tegenovergestelde gebeurde. Er werd gevreesd voor zijn leven, maar mijn neefje is sterker dan de dood. En sterker dan pessimisme. Hij leert opnieuw eten, opnieuw bewegen, opnieuw leven, opnieuw dromen en opnieuw lachen. Vastbesloten om nog steeds alles uit dit leven te halen.

Vlak voor het afscheid (net nadat die ouderwets flirtte met één van de verpleegkundigen) zegt hij: “Je mag hier wel een stukje over schrijven, maar dan wel schuin. Kan ik hem dwarslaesie”. Ik kijk ‘m aan en barst in lachen uit. Mijn neefje is nog steeds mijn neefje. Hij kan (waarschijnlijk) nooit meer lopen, maar ziet het leven wel zitten.

Talloze liefde voor deze krachtige prachtvent vandaag  <3

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden