28 juni 2021

Redacteur Wilke gaat voor het eerst naar de psycholoog en neemt jou mee

Voor het eerst een bezoek brengen aan een psycholoog: awkward en doodeng! Toch besloot ik – redacteur Wilke – die spannende stap te zetten en kan ik jou nu vertellen wat je kunt verwachten.

Als ik de telefoon ophang, merk ik pas dat ik het best spannend vind: een afspraak maken met een psycholoog. Maar ik heb het gedaan! Donderdag om 14.15 uur ben ik welkom bij Simon, zo heet hij. Ik adem even diep uit. Een uurtje later heb ik een appje van Simon met een document dat ik voor onze intake – zo heet een eerste sessie – in moet vullen. De vragen gaan over hoe ik me de afgelopen week heb gevoeld. Simon typt erbij dat het eerste antwoord dat in me opkomt, vaak het beste is. Of ik hartkloppingen heb gehad, nee. Of ik een ontevreden gevoel had, soms. Of ik het gevoel had minder te zijn dan anderen, soms. Zo werk ik de 48 vragen af. Ik zal later wel horen wat de uitkomst is, denk ik.  

Donderdagmiddag. De ruimte ziet eruit zoals ik me had voorgesteld: een opgeruimde kamer met grote, zachte stoelen en wat boekenplanken aan de muur. Simon vraagt wat ik wil drinken. Ik kies – zoals altijd – voor water, want ik houd niet van koffie en thee, en neem plaats in de rechterstoel. Die zit best lekker, maar toch ook weer niet … Ik bedank voor het glas water en zoek een houding waarin ik me wat minder ongemakkelijk voel.  

Zenuwachtig

“Ben je zenuwachtig?” vraagt Simon. “Een beetje”, is mijn reactie. Simon: “Dat vraag ik altijd aan het begin, want spanning is heel normaal, wanneer je met een wildvreemde gaat praten over iets wat heel privé is. Ook vertel ik vaak wat over mezelf. Zal ik dat nu ook doen?” Ik knik. Hij vertelt dat hij jongerentherapeut en docent is, ADHD heeft en absoluut niet door me heen kan kijken: “Je kunt een psycholoog of therapeut prima voor de gek houden, maar uiteindelijk is dat vooral zonde van je eigen tijd en geld.”

Spanning is heel normaal

Nu begint Simon mij vragen te stellen: wie ik ben, waar ik woon, waar ik werk, hoe mijn familie eruitziet, hoe het zit in de liefde en of ik naar een kerk ga. Het voelt niet als een ondervraging, want hij vertelt tussendoor ook dingen over zichzelf. Gewoon een beetje alsof ik een ‘over-geïnteresseerde’ persoon tegenkom op een feestje. Het voelt allemaal best oké. Ook vertel ik waarom ik hem heb gebeld en wat dus het ‘probleem’ is: ik vind het namelijk best lastig om nieuwe vrienden te maken. Hij vraagt een beetje door en legt uit dat we aan het einde van de intake wat doelen opstellen om hier stappen in te kunnen zetten. Ik ben benieuwd. 

Moet jouw therapeut christen zijn?

Simon is christen, ik ben christen. Hoe belangrijk is het dat jouw therapeut hetzelfde gelooft als jijzelf? Simon: “Een klik met je therapeut is het allerbelangrijkst; dat jij je op je gemak voelt. Ik kan me voorstellen dat het sneller vertrouwd voelt als iemand, net als jij, christen is. Ook kun je juist in je geloof vastlopen en daarin hulp willen: dan is een christelijke therapeut handig. Maar het hoeft echt niet per se. Zelf heb ik therapie gevolgd bij iemand die niet geloofde, maar met wie ik een fantastische klik had. Ik denk dat de relatie die je hebt met je therapeut, belangrijker is dan het hebben van dezelfde geloofsovertuiging.”  

Moeilijke vragen

Dan volgen de wat moeilijkere vragen, zodat Simon een goed beeld kan krijgen van mijn leven en de dingen waar ik tegenaan loop. Gebruik ik drugs, alcohol of medicatie? Slaap ik goed? Simon: “Als iemand slecht slaapt, heeft therapie bijna geen nut. Eerst moet die slaap gefikst worden, dan komt de rest.” Het begint nu wel iets meer als een kruisverhoor te voelen. Denk ik weleens aan de dood, heb ik suïcidale gedachten? Heb ik lichamelijke of geestelijke klachten? Wie zijn mijn vrienden? Eet ik gezond? Vind ik mezelf te dik of te dun?

Seks- en drugsvragen stel ik als de ouders er niet bij zijn

Simon: “Bij jongeren onder de 18 jaar wil ik ouders graag bij een intake hebben, omdat ouders vaak een belangrijke rol spelen bij de situatie waarin iemand vastloopt. Uiteindelijk zijn het ook vaak de ouders die betalen. Veel therapie wordt deels vergoed door de (aanvullende) verzekering, dat kun je altijd even vragen, wanneer je een afspraak maakt. Ik kost 85 euro per uur. De seks- en drugsvragen stel ik trouwens op een later moment, als de ouders er niet bij zijn. En wanneer jij in een ernstige situatie zit, zoals huiselijk geweld of misbruik, kun je altijd terecht zonder je ouders in te lichten. Ook dan is hulp voor jou beschikbaar, dat is belangrijk om te weten.”   

Niets is te gek

Simon vraagt weer door en soms zijn die vragen best expliciet. Of ik vervelende seksuele ervaringen heb gehad, of er belangrijke mensen zijn overleden, of ik mezelf weleens beschadig. Echt alles komt voorbij. Simon: “Ik stel veel vragen, zodat het makkelijker wordt om me dit soort dingen te vertellen. Niets is te gek, ik schrik nergens van. Ook leg ik bij een intake uit dat wat je hier zegt, vertrouwelijk is. Niets komt buiten deze kamer, behalve als ik me zorgen maak over jouw veiligheid of die van een ander. Ik zou dan bijvoorbeeld de politie in kunnen schakelen, dat is mijn plicht.”   

Zoek hulp vóórdat je gek wordt

Ik zit nu – iets minder zenuwachtig dan eerst – in een grote, groene stoel bij een psycholoog, omdat het me frustreert dat het aangaan van nieuwe vriendschappen me niet goed lukt. Wanneer is je probleem eigenlijk serieus genoeg voor een bezoekje aan een psycholoog? Simon: “Je kunt wachten tot je écht vastloopt. Misschien denk je: het waait wel over, ik moet dit zelf doen, ik ben niet gek en heb dit niet nodig. Maar zoek alsjeblieft hulp vóórdat je gek wordt. Als je ongelukkig bent, als je lijdt, als je er niet uit komt, is het tijd. Hoe langer je vastloopt in ongezonde patronen, hoe langer het duurt om ermee af te rekenen. Iedereen kan weleens een beetje therapie gebruiken: het gaat dan gewoon sneller en je leert dingen waardoor je de volgende keer beter met je probleem kunt dealen.”  

We ronden onze intake-sessie na anderhalf uur af. Prima, want mijn hoofd zit vol. Simon vertelt me nog dat uit de test die ik van tevoren heb gedaan, blijkt dat ik best gelukkig ben. Soms een beetje sociaal angstig, dat wel. Simon: “In een volgende sessie zou ik hierop doorvragen. Wat denk je en wat voel je? Wat houdt je tegen en welke doelen kunnen we stellen, zodat je wél nieuwe vriendschappen durft aan te gaan?” Ik sta op uit de groene stoel, stap op mijn OV-fiets en slaak een diepe zucht. Als de eerste keer het engst is, viel dit best mee.  

Fotografie: Mcklin
Bron: Jongerentherapie Amersfoort, Simon van Leeuwen

Dit verhaal - en nog veel meer - lees je in BEAM Magazine. Vraag 'm hier gratis aan!

Lees ook: Ieder mens heeft een psycholoog nodig

Lees meer

Volg ons