17 januari 2020

Eline (25) werkt op de intensive care: “Loslaten lukt niet altijd”

Op je 25ste hoop je nog weinig ellende te zien in je leven. Voor de 25-jarige Eline* is dit wel even anders. Tijdens haar werk op de intensive care ziet ze dagelijks veel nare dingen. “Het is mooi, maar soms denk ik: ‘Verkocht ik maar rookworsten bij de Hema.’”

Hoe ziek ze ook zijn

“Inmiddels werk ik twee jaar op de intensive care. Ik zocht meer uitdaging in mijn werk als verpleegkundige en heb hier uiteindelijk voor gekozen. Op de ic doe je van alles. We houden mensen kunstmatig in slaap zodat ze bijvoorbeeld beademd kunnen worden, maar geven ook ondersteuning aan het hart en kunnen de functie van de nieren ondersteunen. Wij zorgen ervoor dat de mensen het zo goed mogelijk hebben, hoe ziek ze ook zijn.”

Eindstation

“De ic is helaas voor veel mensen een eindstation. Deze week nog, een mevrouw van 40 met vier jonge kinderen was ontzettend ziek. Geen enkele behandeling sloeg aan. Dan komt het moment dat er wordt besloten om te stoppen, we konden helaas niks meer voor haar doen.”

Even de kamer uit

“De arts neemt de leidende rol als we moeten vertellen dat iemand het niet gaat redden. Ik geef soms aanvulling en ondersteuning in zo’n gesprek. Dat was ook zo bij de 40-jarige vrouw afgelopen week. De kinderen hadden hun moeder nog niet gezien, die begeleid ik dan. Dat soort momenten zijn niet altijd makkelijk. Ik stond aan haar voeteneind met tranen in mijn ogen. Dan moet ik echt even slikken en de kamer uitlopen. Bij collega’s zie ik die emotie op zo’n moment ook. Na afloop praten we erover, dat helpt om het los te laten. Het blijft natuurlijk werk. Tegelijk lukt dat loslaten niet altijd. Gelukkig heb ik ook veel vriendinnen in de zorg waarmee ik dit soort gedachtes kan delen.”

Confronterend

“De meest heftige situaties die ik heb meegemaakt kan ik helaas niet zomaar vertellen. Wegens privacy van patiënten mogen wij niet altijd alle gebeurtenissen delen. Ik kan me wel een moment herinneren dat er een jongen van 27 op de afdeling kwam met een longontsteking. Dat was zo ernstig dat hij er niet meer van genas. Omdat ik zelf 25 ben, is dat best wel confronterend.”

Hier doe je het voor

“Natuurlijk zijn er ook mooie momenten. Zo hadden we een meneer op de afdeling met twee jonge kinderen. Tot drie keer toe stonden we met de handen in het haar, hij leek maar niet beter te worden. Uiteindelijk is hij gelukkig toch genezen. Vorig jaar kwam hij langs om zijn twee dochtertjes te laten zien. Dat zijn hele mooie momenten, daar doe ik dit werk echt voor.”

‘Verkocht ik maar rookworst’

“Heel af en toe heb ik wel spijt van mijn keuze voor dit werk. Soms ben ik zo klaar met het verdriet en lichamelijk kan het ook heel zwaar zijn. Aan de andere kant weet je waar je het voor doet, dat heft die zware kanten weer op. Zeker wanneer mensen weer beter worden. Dat soort situaties maken dit echt een mooi beroep. Maar ik zeg ook wel eens: ‘Verkocht ik maar gewoon rookworsten bij de Hema’.”

*wegens privacyoverwegingen hebben we gebruik gemaakt van een fictieve naam

Lees meer

Volg ons