Icon--npo Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
18 oktober 2018

Ik ben racistisch geworden, omdat ik ben opgelicht

“Nee joh, daar moet je echt een beetje naïef voor zijn. Ik val gewoon niet voor die domme trucjes, die shit heb ik meteen door.” Tot een paar maanden geleden was dit waarschijnlijk mijn antwoord geweest op de vraag of ik ooit zou worden opgelicht. Maar sindsdien voel ik me lang niet meer zo slim en bovendien een tikkeltje racistisch.

Een jaar geleden had ik er een rib voor over, mijn grootste aankoop ooit. Inmiddels lag mijn gloednieuwe MacBook al maanden stof te vangen op de eettafel. Door mijn nieuwe werk (yay BEAM!), en de daarbij behorende laptop, werd het hoog tijd om een ander blij te maken met dit pareltje. Ik trok er een middag voor uit om de perfecte Marktplaats-advertentie te creëren en de volgende dag had ik direct reactie: “Voor €1100 kom ik hem morgen ophalen.” Zonder enig vermoeden greep ik dit eerste, té gretige bot meteen aan. Verkocht! Dacht ik.

De volgende dag stonden er twee jonge jongens voor de deur, hooguit 17 jaar. Na een geloofwaardig en gezellig praatje over de start van zijn mode-opleiding en zijn maanden sparen, schudde ik de ‘koper’ de hand: “Hij is helemaal voor jou”. Terwijl ik over zijn schouder meekeek, maakte hij het bedrag naar me over. “Als je maar niet zo’n neppe app gebruikt!”, hoor ik mezelf nog lachend zeggen *insert facepalm here*. Wel dus. Na drie dagen bleek mijn geld in rook op zijn te gaan en was mijn peperdure laptop waarschijnlijk alweer doorverkocht. Ik kan me hun schaterlach perfect voorstellen terwijl ze wegreden met een gratis MacBook op schoot: “Wat een dom wijf was dat”.

Heel eventjes heb ik getwijfeld over de verkoop. Terwijl ze de straat uitscheurden met mijn laptop, namen ze ook meteen mijn vertrouwen mee. “Ik ben erin geluisd, ik voel het”, ik vertrouwde het niet meer. Omdat ze een beetje nerveus deden en snel weggingen. En, als ik écht eerlijk ben, omdat de één donker en de ander Marokkaans was. Maar juist om die laatste reden heb ik die gedachte snel weggewuifd: wat een rotgedachte, supergemeen. Ik heb er geen moment aan gedacht om ze daadwerkelijk met lege handen naar huis te sturen omdat ík zo nodig racistisch moet doen. Een beetje vertrouwen in de mens Anouk…

 

Ik dacht: zie je nou wel

Toch wist ik niet goed wat ik met het daaropvolgende gevoel moest. Want tot op zekere hoogte waren die vooroordelen, die gemene gedachten, voor mij bevestigd. Hoe onchristelijk het misschien ook klinkt, de woorden ‘zie je nou wel’ kwamen direct in me op. Ik heb moeite met deze gedachte, maar hij zit wel degelijk in mijn hoofd. De eerstvolgende keer als ik iets verkoop, denk ik ongetwijfeld wel twee (drie, vier, vijf) keer na voordat ik dit zomaar meegeef. Had ik dezelfde gedachte gehad als er een boeren Hollandse knul voor mijn neus had gestaan (om maar even in de stereotypen te blijven hangen)? Absoluut niet. Dan was ik waarschijnlijk zelfs verbaasd geweest.

En nu? Betekent dit dat ik een verschrikkelijke racist ben? Ik denk (en hoop) van niet. Zolang ik me er maar bewust van ben dat deze gedachte krom is. Zolang ik de volgende keer – net als nu – wéér niet op uiterlijke kenmerken afga, maar op mijn eigen gevoel en ratio. Zónder naïef te zijn, maar mét een liefdevol en onbevooroordeeld hart. Over het feit of die persoon slechte bedoelingen heeft, oneerlijk of onoprecht is, kan ik niet oordelen. Dat laat ik aan Hem over. Nu nog kijken of dat lukt.

Volg ons