Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
Ik snap dat ik ben gepest
18 september 2018

Ik snap dat ik ben gepest

Op het moment dat ik iets wil zeggen, slaan ze alle vijf rechtsaf en rijd ik plots alleen op de weg waarover we altijd naar huis fietsen. Blijkbaar hadden ze deze actie op school – buiten mij om – afgesproken. Wilden ze mij bewust buitensluiten. Waren mijn ‘vrienden’ mij zat. Om een reden die ik niet kon bedenken. Want ik had ik toch niets fout gedaan?

Die fietskilometers alleen waren de eenzaamste van mijn leven. Pesten noemen ze dat. Iets wat tijdens mijn middelbareschooltijd veelvuldig voorkwam. En ieder menswezen wel eens in aanraking mee is geweest. Als slachtoffer of dader. Of een mix van beide. Fysiek of geestelijk geweld. Het is beide even verschrikkelijk en verachtelijk, maar niet altijd te voorkomen.

Pesten haal je (helaas) niet uit een kind. Het is een manier om je eigen onzekerheid een plek te geven. Je ontwikkelt, ontdekt wie je bent en wil ergens bij horen. Je zet je af tegen mensen die je niet mag of die anders zijn. Niet door middel van een goed gesprek, maar met harde woorden of daden.

Ik werd gepest, dus ik was zielig. Zij pestten, dus zij waren de duivels.

Ik snapte destijds niet wat de reden was om mij aan te pakken. Waarom ik? Waarom moesten ze mij hebben? In mijn hoofd was ik de goedzak en zij de klojo’s. Verdienden zij de hel en ik de hemel. Zwart en wit. Mijn hoofd maakte van mij het middelpunt van mijn eigen universum en iedereen die mij niet begreep was raar, anders en een sukkel. Ik werd gepest, dus ik was zielig en onschuldig. Zij pestten, dus zij waren de duivels. Er was geen middenweg mogelijk.

Ik pestte en werd gepest

Nu – 5 jaar later – dringt het pas door. Heb ik eindelijk zelfreflectie gekregen. Ik was niet veel beter dan mijn pesters. Heb net zulke domme dingen gedaan. Zo pochte ik met mijn voldoendes. Zwaaide ik met een 9 voor het gezicht van een ‘vriend’ die net een onvoldoende had gescoord. Of lachte ik mensen uit die zenuwachtig hun presentatie hielden. Ik trapte brugpiepers omver en vond iedereen dom en bekrompen, behalve mezelf. Kortom: ik was een zak. Natuurlijk word je dan gepakt. Zijn je klasgenoten je dan zat. Hun manier van uiten is dan wellicht niet oké, maar achteraf wel een logisch gevolg van mijn kloterige gedrag.

Ik pestte en werd gepest. Dat eerste vond ik logisch, dat tweede superzielig voor mezelf. Wat hypocrisie van de bovenste pestplank is. Nu die periode voorbij is, snap ik dat ik gepest ben. Natuurlijk zal ik die pijnlijke kilometers op de fiets nooit vergeten, maar ik vergeef het mijn pesters wel. Ze wisten niet beter. Konden geen woorden geven om het ongenoegen over mijn nare gedrag te uiten, dus deden ze het (helaas) in daden. Ik was een zak, zij waren zakken. Gelijkspel dus. Dat helpt om mijn verleden te relativeren en in perspectief te zien.

Ik ben gepest, maar niet verpest. Tijd om (samen) vooruit te fietsen.

Volg ons