Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
11 april 2018

'Ik durf al 9 jaar mijn huis niet uit'

Eefje (22) heeft al negen jaar een angststoornis en durft haar huis niet uit. Als ze dit toch probeert, krijgt ze een paniekaanval en kan ze niets meer. Pas is ze toch op zichzelf gaan wonen. “Mijn broer bestuurde de auto, die zou zich niets aantrekken van mijn geschreeuw. Mijn moeder zat achter me zodat ze mijn hand kon vasthouden.”

“Mijn oudtante woonde in een huis één straat verderop. Zij is vorig najaar overleden, op 91-jarige leeftijd. We waren close en ik mis haar elke dag. Door mijn angststoornis kon ik niet bij haar begrafenis zijn. Ik ben zo ontzettend bang dat ik een paniekaanval krijg tijdens zo’n dienst, dat het me echt niet lukt. Gelukkig kon ik meeluisteren via de kerktelefoon.

Een feestje missen omdat ik niet naar buiten durf, daar is mee te leven. Maar begrafenissen, ziekenhuisbezoeken en trouwerijen missen vind ik echt heel erg moeilijk, ook voor mijn familie. Een poos geleden overleed mijn oom. Ik heb dat voor mijn gevoel nog steeds niet echt kunnen afsluiten, in mijn hoofd leeft hij nog. Dat komt denk ik omdat ik de afscheidsdienst niet heb meegemaakt.”

Ik kan 'de knop' niet omzetten omdat ik hem niet kan vinden

“Ik snap het echt wel dat mensen zeggen of denken: ‘Maar voor zoiets belangrijks als een begrafenis kan je de knop toch wel even omzetten?’ Ik snap wat ze bedoelen, maar het probleem is dat ik mijn ‘knop’ niet kan vinden, anders had ik hem natuurlijk allang omgezet. Er zit zoveel angst in mijn hoofd en in mijn hart, dat ik nooit het punt bereik dat ik denk: ‘Schijt, ik doe het gewoon!’ Ik zou dit heel graag willen, maar op dit moment kom ik daar niet.

Het is confronterend om dit aan anderen te vertellen. Als vrienden aanbieden om met me mee te reizen zodat het minder eng is, voelt het als falen om te vertellen dat het me echt niet lukt. Gisteren was er een vriendinnetje op bezoek. Ik vroeg haar met me mee te lopen om de kliko aan de straat te zetten, zodat het minder eng voor me was. Dat vond ze geen probleem en blijkbaar heeft ze me heel vrolijk allemaal vragen gesteld terwijl we naar de straat liepen. Ik was zo gefocust dat ik het niet eens heb gehoord. Uiteindelijk sprint ik het liefst zo snel mogelijk weer naar binnen.”

De verhuizing
“Omdat het huis van mijn overleden oudtante leeg stond, kwam al snel het idee naar boven dat ik daar zou kunnen wonen. Ik ben daar vroeger veel geweest en het is maar anderhalve straat verderop. Ik vind het ook niet vervelend dat mijn oudtante daar heeft gewoond, ik vind het wel fijn, zo is ze toch nog dichtbij. De verhuizing daarentegen was natuurlijk niet echt fijn. Mijn vader wilde mijn spullen verhuizen zodat ik maar één keer in een auto hoefde te gaan zitten. Ik was die avond zo zenuwachtig dat ik constant naar het toilet moest, heel irritant.
Ik had gevraagd of mijn broer me wilde rijden, als ik een paniekaanval zou krijgen en zou schreeuwen, is hij in staat zich daar niets van aan te trekken en gewoon door te rijden. Mijn moeder zat achter me en hield mijn hand vast.

Het ging best goed. In het dorp waar ik woon staan nooit files, maar nu stonden we heel even vast achter een andere auto. Het was een minuut, maar het voelde als een uur. Gelukkig kon ik rustig blijven. Mijn vader heeft de voordeur van mijn nieuwe huisje opengezet en ik ben van de auto naar binnen gesprint."

Soms schreeuw ik vol angst de naam van Jezus

“Zolang ik thuis in mijn veilige omgeving ben, gaat het best goed. Hele alledaagse dingen, kunnen mij toch nog wel veel stress opleveren. Zo werd er pas een koelkast bezorgd. Ik wilde graag dat ze hem via de achtertuin brachten, dus dat had ik aan de telefoon uitgelegd. Vervolgens maakte ik me de hele dag zorgen dat ze het niet konden vinden en dat ik naar buiten moest om aan te wijzen hoe ze de achtertuin in moesten. Ik loop dan ijsberend door mijn huis en ga vaak plat op mijn bed liggen. Dan probeer ik te bidden, want God geeft me rust en kracht. Ook probeer ik fijne momenten te herinneren, dan wordt de angst soms vanzelf minder. Ik heb weleens hard de naam van Jezus geschreeuwd tijdens een aanval, ik merkte toen dat de angst direct minder werd.”

God zoeken
“Toch is het ook lastig. Door mijn angst kan ik niet naar de kerk of naar een kring. Ik merk dat God er in mijn angst is, maar dat ik hem in mijn dagelijks leven niet altijd kan vinden. Ik mis dan wel een groep mensen om me heen die me kunnen inspireren. Gelukkig is er online ook echt veel te vinden.

En toch is er hoop. Ik heb een psychische aandoening, maar tegelijkertijd geloof ik dat God een genezende God is. Ik ben niet dagelijks bezig met genezing, maar die hoop is in mij. Mijn zus trouwt in november. Daar wil ik bij zijn. Niet via een livestream of een kerktelefoon, maar echt erbij. Ze heeft samen met haar verloofde besloten in het dorp waar ik woon te trouwen zodat het voor mij bekend terrein is.”

Vorig jaar spraken we Eefje ook (samen met Wesley, hij heeft ook een angststoornis). Lees het artikel hier als je meer van haar verhaal wilt lezen.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden