Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
5 januari 2018

“Hoe kon ik het lichaam dat God geschapen had zo kapot maken?”

Toen Stephanie (18) begon met afvallen leek alles beter te gaan. Ze werd overladen met complimentjes, kreeg nieuwe vrienden en mocht doorstromen naar de havo. Ervan overtuigd dat het helemaal fout zou gaan als ze stopte met afvallen ging ze nóg meer bewegen en nóg minder eten. Een boterham werd een cracker en een cracker werd een kwart appel, tot ze uiteindelijk niets meer at: “Ik schaamde mij ontzettend voor God. Hoe kon ik het lichaam dat Hij geschapen had zo kapot maken?”

“Ik startte met afvallen toen ik stopte met voetbal en begon met wedstrijdzwemmen. Op de basisschool werd ik heel erg gepest, ik was heel onzeker over mijn uiterlijk en de meiden uit mijn klas waren allemaal bezig met afvallen. Afvallen gaf mij zelfvertrouwen. Ik kreeg complimenten en doordat ik doorstroomde naar de havo kreeg ik een nieuwe klas waar ik nieuwe vrienden kon maken. Mijn leven was perfect, omdat ik afviel. Althans, dat dacht ik.

Als ik aankwam raakte ik in paniek. Alles zou fout gaan als ik niet zou blijven afvallen. Daarom ging ik steeds vaker sporten en maakte ik mijn eetschema steeds strenger. Eerst at ik een broodje voor de lunch, dat veranderde in een cracker, een stukje fruit, tot ik helemaal niets meer at of dronk. Ik vond het helemaal niet erg dat ik het altijd koud had en als ik in de spiegel keek, zag ik niet hoe mager ik was.

Mijn psycholoog nam mij niet serieus. Mijn ouders mochten zich niet met mij bemoeien en ik wilde geen hulp. Mijn moeder had pas door dat ik zo erg afviel toen ik alleen nog maar crackers at. Ze wilde dat ik naar de dokter ging, maar ik wilde absoluut niet mee. Toen ik met school naar Londen ging heeft mijn moeder stiekem een afspraak gemaakt met de dokter."

Mijn leven was perfect, omdat ik afviel. Althans, dat dacht ik

Ik schaamde mij voor God

"In Londen had ik het zo koud dat ik de hele tijd blauw en paars was. Een vriendin zei tegen mij dat ik mijn eetstoornis naar God moest brengen, maar ik schaamde mij. Hoe kon ik mijn lichaam, dat door God geschapen is, zo kapot maken? Ik durfde de Bijbel bijna niet meer aan te raken. Ik had ook zo lang niet meer gegeten of gedronken dat ik niet meer goed doorhad wat er gebeurde. Ik snapte nergens iets van en kon niet helder nadenken. Toen ik thuis kwam moest ik naar de huisarts, die mij doorstuurde naar de diëtist.

De diëtist zei tegen mij: ‘eet gewoon elke dag zes keer’. Dat was makkelijk gezegd. Ik kon dat gewoon niet meer. Op een gegeven moment ging het zo slecht dat ik werd opgenomen. Mijn nieren waren ermee opgehouden, mijn hartslag was gevaarlijk laag en ik was helemaal uitgedroogd. Ik balanceerde op het randje van de dood, maar dat had ik niet door."

“Wat heb ik gedaan?”

"De bijbel was een van de weinige dingen die ik mee had genomen naar het ziekenhuis. Ik wist niet meer wat ik moest doen en vroeg God of Hij mij kon laten zien hoe anderen mij zagen. Want ik zag niet in waarom ik zou moeten eten. Die avond werd ik door de zusters meegenomen naar de badkamer. Daar zag ik in de spiegel voor het eerst wat de eetstoornis met mij had gedaan. Ik schrok mij kapot. Was ik dat? Wat is er gebeurd? Wat heb ik mijzelf aangedaan?

Nog steeds lukte het niet om te eten, hoewel ik dat wel wilde. Tot ik zelf naar de badkamer ging. Ik zakte in elkaar en voelde een onbeschrijfelijke pijn op mijn borst. De noodknop was binnen handbereik, maar ik drukte niet. Ik had het gevoel dat ik het niet verdiende om geholpen te worden. Daarom bad ik nog een keer en vroeg God of Hij wel vond dat ik het waard was op geholpen te worden.

Op dat moment kreeg ik de kracht om op te staan en op de wc te gaan zitten. Ik belde mijn moeder en drukte de noodknop in. Alles was een waas, maar ik voelde dat God dichtbij was. Hij had mijn angst om te eten van mij afgenomen en na drie weken mocht ik naar huis.

God had mijn angst om te eten van mij afgenomen

"Thuis kreeg ik echter een hele grote terugval en ik werd weer met spoed opgenomen. Het ziekenhuis kon mij niet meer helpen, want ik moest leren om te gaan met mijn ziekte, niet met eten. Daarom werd ik met spoed opgenomen in een anorexiakliniek. Vol schaamte klopte ik weer op de deur bij God. En weer hielp hij mij de eetstoornis te overwinnen. In de kliniek ontmoette ik andere meiden die hetzelfde doormaakten als ik. Voor sommigen van hen heb ik gebeden en God heeft ook hen geholpen. Eentje mag binnenkort zelfs weer naar huis!

God heeft mij zo ontzettend geholpen en dat wil ik tegen iedereen vertellen. Ik zit nu in de herstelfase en het gaat steeds beter met mij. Mijn leven draait niet alleen meer om overleven. Ik ga mijn school afmaken en daarna wil ik op reis gaan. Voor jongeren die met hetzelfde worstelen als ik heb ik een boodschap: Besef dat jij het waard bent om hulp te krijgen, hoe erg je ook denkt dat je dat niet verdient en hoe erg je ook denkt dat je nog niet ziek genoeg bent.”

Heb jij een mooi, ontroerend of hilarisch verhaal dat je met ons wilt delen? Stuur een mailtje naar [email protected] of WhatsApp naar het nummer 06-83673700. Vinden we tof!

 

 

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden