Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
23 juli 2017

‘Ik sloeg door in het fitnessen’

Na een paar flinke blessures moet Jeldi (22) zijn grote passie BMX’en vaarwel zeggen. Na enkele andere sporten te hebben geprobeerd, begint hij met fitness. Hoewel hij steeds breder en gespierder wordt, is het nooit genoeg.

“Vanaf mijn dertiende deed ik aan BMX’en, maar ik viel vaak en had regelmatig blessures. Zo scheurde ik mijn bovenbeenspier toen ik tegen een paal aan reed. Ook heb ik mijn enkelbanden weleens gescheurd. Dat is erger dan iets breken, het doet meer pijn en kost meer tijd om te herstellen. Twee jaar geleden ben ik gestopt, omdat ik door mijn blessures niet eens meer normaal kon lopen.

Ik heb gebasketbald, totdat ik in een sportschool kwam om te fitnessen. Om me heen zag ik allemaal grote, brede jongens. Zo wilde ik ook worden. Mijn eerste doel was 80 kilo bankdrukken. Zodra dat lukte stelde ik een nieuw doel.

Als ik er niet voor had gekozen om naar de gym te gaan, was ik nu zelfverzekerder geweest

Langzaam sloeg ik door. Ik vergeleek me constant met grotere gasten. In het dagelijks leven was ik niet continu met dit soort jongens omringd, in de sportschool wel. Het maakte me onzeker. Als ik er niet voor had gekozen om naar de gym te gaan, was ik nu zelfverzekerder geweest. Ook al zou ik niet zo gespierd zijn.

 Per week sport ik vijf of zes keer. Daarnaast let ik goed op mijn voeding. Vanaf de zomerperiode doe ik zeven maanden lang een intensief sportdieet, waarbij ik een keer per week vettig eet. Dat is mijn cheatday. Die vetten heb je ook nodig. In de winter, als ik niet in mijn shorts over het strand hoef, ben ik minder streng.

Mijn vrienden en familie buiten de sportschool vragen me weleens: ‘Is het niet een keertje klaar?’ Nou nee. Anderen kijken televisie in hun vrije tijd en ik doe dit. Ik win de discussie vaak, sporten is gezond. Die discussie heb ik nooit in de sportschool. Ik denk dat zij er vaak hetzelfde instaan als ik. Als je nu aan die jongens vraagt of ze onzeker zijn, zal niemand dat bevestigen, maar indirect merk ik dat dit wel zo is. We vergelijken ons vaak met elkaar. Soms zegt iemand dat ‘ie niet tevreden is. Als er dan wordt gezegd: ‘Nee, man je hebt een brede rug’ of iets in die trant, dan geeft dat weer een egoboost. Het gebrek aan zelfvertrouwen en het constant met elkaar vergelijken, is een taboe, denk ik.

Ik zie resultaat als naar mezelf kijk, maar het is nooit goed genoeg. Als ik een doel heb gehaald, dan komt er wel weer iets nieuws. Ik pas mijn targets continu aan. The sky is the limit.”

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden