Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
1 april 2017

"Door een 'foutje' ben ik als illegale buitenlander behandeld"

Door een 'foutje' kreeg Zoia Albert pas na 5 jaar haar ‘vluchtelingenstatus’. Hoe heeft ze al die tijd hoop gehouden? “Ik en mijn familie zetten ons in Pakistan in voor vrouwenrechten. Daardoor kwam ik in de problemen terecht, werd het levensgevaarlijk en moest ik vluchten.”

“Pas na een week in Nederland besefte ik dat ik niet meer voor mijn leven hoefde te vrezen. Ik werd mijn vrolijke zelf en kon weer een beetje blijdschap om me heen verspreiden. Veel mensen in het AZC zijn namelijk depressief en ik kwam erachter dat door gebruik te maken van muziek het leven iets mooier wordt.

Al snel werd ik overgeplaatst naar Olde Pekela, een AZC voor langere tijd. Daar kreeg ik 50 euro per week, een gedeelde kamer en meer eigen vrijheid.”

Ik ben niet welkom
“Op een dag was ik in de stad, boodschappen doen. Terwijl ik weg was raakte een Nederlands kind in gevecht met een kind uit het AZC. Ik kwam terug en er stond een menigte voor de deur, geblokkeerd door de ME, te schreeuwen dat alle vluchtelingen weg moesten.
Op dat moment voelde Nederland voor het eerst als het land waar ik vandaan kwam, onveilig. Ik realiseerde me dat ‘vluchteling’ niet een leuke naam was en dat veel Nederlanders vluchtelingen niet moeten. Ze willen ze weg hebben.”

“Ik verbrak veel van de contacten die ik had met Nederlandse mensen en durfde niet meer te zeggen dat ik een vluchteling was. Op dat moment kwam ook nog het bericht dat ik geen status als vluchteling kreeg. Ik ging natuurlijk in hoger beroep, maar vanaf dat moment was ik officieel bestempeld als ‘illegaal’ en moest ik het AZC verlaten. Een vriend van mij bood aan dat ik kon onderduiken in Groningen.”

Vogelvrij
“Vanaf het moment dat je illegaal bent, ben je praktisch vogelvrij verklaard. Stel, ik zou verkracht worden, dan kon ik daar niet mee naar de politie gaan, want ze zouden me uitzetten. Als ik acute medische hulp nodig zou hebben kon ik dat niet halen, want ze zouden me uitzetten. Jarenlang heb ik geleefd tussen de hoop op een verblijfsstatus en de wanhoop om ontdekt te worden en te worden uitgezet naar een land waar ik zou worden vermoord.”

“Toen ik als ‘illegaal’ in Groningen woonde ben ik daar maar dingen gaan doen. Ik werd actief bij de internationale studentenvereniging en organiseerde mee in de Passionweek. Zo probeerde ik toch liefde te verspreiden terwijl ik ook wanhopig en bang was om door de politie te worden opgepakt.”

Alle hoop voorbij
“27 December 2015, na twee jaar als illegaal, gaf ik de hoop op en wilde ik overal mee ophouden. Het duurde te lang. Ik was bang en mijn hoger beroep was nog steeds niet gehoord. Al die tijd kon ik niet studeren, me niet aansluiten bij een kerk, geen medische hulp ontvangen en niet werken. Ik was er helemaal klaar mee en kon gewoon niet meer door. Gelukkig wist een vriend me te overtuigen er nog een nachtje over te slapen.

De volgende ochtend kreeg ik toevallig de bevrijdende mail van mijn advocaat. Mijn status was goedgekeurd. Het IND had een ‘foutje’ gemaakt. Ze waren er achter dat het toch echt levensgevaarlijk was voor mij om terug te keren naar Pakistan. Zo’n foutje waardoor je 5 jaar lang in onzekerheid leeft en 2 jaar als illegale buitenlander bent behandeld.”

“Al die tijd zijn God en mijn familie mijn grootste bron van hoop geweest. Steeds als ik bijna de moed verloor plaatste God iemand op mijn pad waardoor ik weer kracht kreeg. Mijn werk voor Groningen Verwelkomt geeft me ook hoop. Groningen Verwelkomt is een organisatie die een paar vrienden en ik zijn begonnen en het is prachtig om te zien hoe positief de reacties vanuit heel Groningen waren en zijn op onze ideeën. In de eerste week kregen we meteen 700 welkomstpakketten van alle kanten!”

Jezus is een bedelaar
“In Pakistan maakte mijn moeder elke avond extra eten. Dat deed ze omdat ze dat kon weggeven als er een bedelaar aan de deur kwam. ‘Die bedelaar is Jezus voor ons’ zei ze.
Af en toe heb ik best nog moeite om te wennen aan de individualistische cultuur van Nederland. Als Jezus zegt: ‘heb je naaste lief als jezelf’ betekent dat voor mij dat problemen van mijn naaste ook mijn problemen worden. Mensen met problemen zouden weleens door God gestuurd kunnen zijn. Zoals mijn moeder de bedelaar behandelt, zo wil ik dat de vluchtelingen in Nederland behandeld worden.”

 

Zoia kan na vijf jaar te hebben gewacht studeren in Groningen, heeft een Nederlandse vriend en is door Amnesty onderscheidden voor haar werk bij Groningen Verwelkomt.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden