Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
22 april 2017

COLUMN: Christen zijn is lef hebben

De kern van het christendom komt uiteindelijk neer op naastenliefde, zette een vriend van mij laatst online. De Bijbel, theologie en de hele christelijke leer gaan vooral over liefde voor de ander. Uiteraard kwamen daar onmiddellijk stevige reacties op. Dat was te simpel gedacht.

“Het christendom gaat over veel meer dan enkel naastenliefde,” werd er gezegd. “Dat sentimentele gedoe, je moet wel weten dat Jezus je Redder is, dat hij voor je is gestorven en weer is opgestaan!”
Waar ik moeite mee heb, en ook boos van word, is hoe naastenliefde hier wordt neergezet. Alsof het ‘sentimenteel’ of ‘zwak’ is, voor watjes.

Naastenliefde is niet voor watjes en christen zijn betekent lef hebben. Echte naastenliefde is zelfopoffering: iets van jouw leven wat je opoffert voor een ander. Daarin kun je zo ver gaan dat de woorden ‘sentimenteel’ en ‘zwak’ gewoonweg beledigend zijn. Denk maar eens aan mensen die echt goed waren in naastenliefde.

Helden in naastenliefde
Echte naastenliefde zorgt ervoor dat ik onder de indruk raak en een pijnlijke spiegel voorgeschoteld krijg. Bijvoorbeeld als ik mensen zie die vrijwillig in een achterstandswijk in Nederland gaan wonen. Grote sommen geld weggeven. Hun tijd in een buurthuis doorbrengen met zwervers, prostituees, alleenstaande moeders, alcoholisten, hangjongeren. Moeder Teresa die haar hele leven besteedde aan het dienen van de allerarmsten. Martin Luther King die zijn leven in de waagschaal stelde, en uiteindelijk verloor, voor zijn naasten. Jezus, die zijn leven gaf voor zondige mensen. Naastenliefde is niet sentimenteel, het vereist moed.

Maar het lijden en sterven van Jezus dan? Is het niet belangrijk om Jezus als de Redder van je leven te zien? Het christendom gaat toch vooral over het accepteren of het ontkennen van de opstanding? Als je ontkent dat Jezus is opgestaan, ben je geen christen. Als dat zo is, dan is het tijd voor mij om iets te bekennen.

Ik leef alsof Jezus niet is opgestaan

Ik ontken Jezus’ opstanding. Weet je, iedereen die mij kent weet dat ik de opstanding ontken. Dagelijks. Niet echt hoor, wees niet bang. Ik geloof wel dat het echt is gebeurd. Toch zeggen mijn acties vaak iets anders. Ik leef alsof Jezus niet is opgestaan.

Iedere keer dat ik zieken negeer, iedere keer dat ik wegloop van mensen die arm zijn, ontken ik op een bepaalde manier de opstanding. Iedere keer dat ik meedoe in een onrechtvaardig systeem door kleren of telefoons te kopen, iedere keer dat ik mijn rug toekeer aan hen die hulp nodig hebben, of naar hen die verdrietig zijn, ontken ik de opstanding. Iedere keer dat ik niet opsta voor de mensen die op hun knieën gedwongen worden, ontken ik de opstanding.

En af en toe, als ik een goede dag heb, bevestig ik de opstanding en leef ik alsof ik erin geloof. Als ik huil om de mensen die geen tranen meer kunnen huilen. Als ik geef aan mensen die alleen nog maar kunnen ontvangen. Kortom, ik bevestig de opstanding pas echt als ik liefde, echte, ongeremde, zelfopofferende liefde betoon aan mijn naaste.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden