Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
26 april 2016

GASTCOLUMN: Voor eeuwig oranje

Oranje boven! Het straalt er van alle kanten af. Afgelopen week liep ik door de winkelstraat van Wageningen en het viel mij op dat er volop oranje vlaggetjes, T-shirts, zonnebrillen en allerlei andere tierelantijntjes in de winkels liggen. Je kunt er niet omheen: het is weer Koningsdag. Het nationaliteitsgevoel van Nederlanders wordt wakker, we zijn blij en hoopten op lekker weer (helaas pindakaas dit jaar!) om zo in het oranje de verjaardag van koning Willem-Alexander te vieren.

Ik kan altijd wel genieten van zo’n dag: van de rommelmarkten, de uitbundige sfeer in dorpjes en steden en de saamhorigheid die het met zich meebrengt. Saamhorigheid die op andere momenten vaak ver te zoeken is. Op deze dag is iedereen Nederlander en mag iedereen meedoen - fijn is dat - we hebben nu eenmaal allemaal dezelfde koning. De leider van ons land. (De koning in ons land heeft politiek niet zoveel te zeggen, ik weet het, maar het gaat om het beeld ;))

Leiders zijn altijd nodig: een leraar in de klas, een conducteur in de trein, een kapitein op een schip, een dominee of pastoor in de kerk, een coach voor een sportteam, een koning voor een land en ga zo maar door. Leiders zijn onmisbaar.

Dit is iets van alle tijden, zo ook in de tijd van de Bijbel. Als we het Oude Testament lezen, zien we dat de Israëlieten rechters hadden. Rechters waren profeten: mannen of vrouwen die dichtbij God leefden en het volk leerden wat de wil van God was. Ze zorgden ervoor dat de wet werd nageleefd. Omdat de Israëlieten zo niet afhankelijk waren van een koning, waren ze zich des te meer bewust van hun afhankelijkheid aan God. De volken om Israël heen hadden wel koningen, deze koningschappen gingen gepaard met een groot paleis en een groot leger. Israël had dat niet en was een vreemde eend in de bijt. In 1 Samuel 8:1-22 lezen we dat de Israëlieten echter zelf om een koning vragen. Ze willen, net als de omliggende volken, ook een koning. Hiermee zeggen ze dat God niet genoeg is, toch geeft God ze hun zin. Omdat Hij ze zelf de keuze wil laten maken. Hoe bijzonder is dat?!

Onze Koning in de Hemel wil dat wij zelf kiezen. Hij is de beste, sterkste, slimste en wat-al-niet-grootste Koning. Zelf merk ik dat ik snel geneigd ben over mezelf te beslissen, ik denk wel te weten hoe het zit en wat God van mij verwacht. Ik vergeet dan dat Hij honderd keer beter weet hoe Hij voor mij moet zorgen, dan ik voor mijzelf…
God maakt geen fouten – in tegenstelling tot onze Willem-Alexander – en daarom is het okay Hem te vertrouwen. Het klinkt soms stom en is lastig, want wie luistert er nou naar een onzichtbare koning? Ik dus. En gelukkig met mij vele andere christenen. De saamhorigheid die dat met zich meebrengt is nog veel beter dan die van op Koningsdag van 27 april. Deze duurt niet slechts een dag: onze Koning zorgt voor een eeuwige Koningsdag! 

 

Dit gastcolumn werd geschreven door Geertje van den Dool (18), student Gezondheid en Maatschappij. 

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden