Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
15 april 2016 Reageer

COLUMN: Wat is belangrijk?

Marnix reageert op de vele comments over het ongeremde gebruik van de K- en F-woorden in zijn vorige column… Houd je vast!

Paulus schrijft in Romeinen 14 over de toen actuele discussie over wat je wel of niet mag eten:
“De meesten van jullie geloven dat christenen alles mogen eten. Maar sommigen hebben niet zo’n sterk geloof. Zij geloven dat christenen geen onrein vlees mogen eten. (…) Maak geen ruzie over dat soort verschillen. (…) Waar gaat het om in Gods nieuwe wereld? Niet om wat je eet of drinkt! Het gaat erom dat we goed zijn voor elkaar, en in vrede met elkaar leven.”

Mooi hè, beginnen met een Bijbeltekst? Klassieke domineesstijl!

Ter zake: mijn taalgebruik in de vorige column was niet netjes en dat ga ik ook zeker niet goed praten. Sterker nog: ik ga nu sorry zeggen voor het ongeremde gebruik van de K- en F-woorden in mijn vorige column. SORRY! Daar ben ik soms iets te overdadig mee.

Toch blijft het wringen dat maar liefst twee derde(!!!) van alle reacties daar over gaan. Nu krijg ik het gevoel dat ik jullie NIET mijn eerlijke, oprechte emotie mag laten zien.

“Jammer van het taalgebruik. Ik denk niet dat het op BEAM gepast is.”

En dat is spijtig. Nogmaals: ik ben geen voorstander voor grof taalgebruik, maar ik ben een nog grotere tegenstander van het wegstoppen van wie we zijn en hoe we ons wel eens voelen. WIJ ZIJN NIET PERFECT! En om “God te dienen en een zegen te zijn voor anderen”, lijkt het mij verstandig om eerst onze imperfectie en de gebrokenheid van de wereld te accepteren, voor we als een stelletje losgeslagen buffels proberen de ideale überchristen te zijn. 

“Het leven kan soms ff minder fijn zijn maar in je leven als christen, hoop ik dat deze woorden niet in je woordenboek voorkomen”.

Oké, jouw woordenboek is niet mijn woordenboek. Maar wat als je je teen stoot, je wordt gedumpt door je partner of een kennis van je overlijdt? Dit is wat ik uit het eerste stuk van Paulus haal: staar je niet blind op de fittie (red. straattaal voor ruzie) over wat wel of niet mag, want dadelijk vergeet je wat echt belangrijk is. Jezus gooit tafels omver op het tempelplein. Hij had ze ook  kunnen neerleggen of in kunnen klappen, als er toen al inklaptafels bestonden (ik denk het niet). Hoor je ooit iemand discussiëren over de wijze waarop dat ging? Amper, want Hij had een geldige reden om boos te zijn. 

Ik probeer oprecht Jezus zijn belangrijke boodschap van “God dienen en een zegen zijn voor anderen”, in de praktijk te brengen. Eén confronterende lering die ik daar uit haal, is dat we onze eigen imperfectie en de gebrokenheid van de wereld in moeten en mogen zien, voor we stappen vooruit kunnen zetten. Dát wilde ik jullie de vorige keer in de puurste vorm vertellen. En wat krijg ik terug? - Dat mijn taalgebruik “niet gepast is”.

“Volgens mij moeten wij ons afvragen wat voor nut het heeft zulk taalgebruik neer te zetten en wat voor een verschil wij uitmaken dan met de wereld?”

De wereld is hard. Er gebeuren oneerlijke, afschuwelijke rotdingen. Veel jongeren voelen zich wel eens zwaar ellendig, beroerd en bagger. Wat doe je als je vriend of vriendin zegt dat ze zich klote voelt? Ga je zeggen dat die persoon op zijn of haar taalgebruik moet letten omdat het woord “K*t” veel te “werelds” is? Of ga je naast iemand staan, en deel je zijn of haar wereldse pijn, die vaak zo voelbaar is voor ons allemaal?

Vertel eens: Wat is echt belangrijk voor jou? En maak je je daar genoeg druk om? 

Tekst: Marnix Haak

Reacties

Wanneer je cookies in de categorie Overig accepteert vind je hier NPO Selected.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden