Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
6 april 2016 Reageer

5 wijze lessen over begeertes van jongeren (door een oude Duitse monnik)

Anselm Grün is een oude, wijze monnik die in ‘zijn’ klooster jaarlijks honderden jongeren uit heel Europa spreekt. Hij weet daarom precies wat er in onze leefwerelden speelt en één ding valt hem in het bijzonder op: onze generatie wil altijd maar méér.

Meer aandacht, meer plezier, meer erkenning, meer geld, meer spullen en meer likes. Dit onderwerp kwam zo vaak terug in zijn gesprekken met jongeren, dat hij er een boek over schreef: Over hebzucht en begeerte. Ontsnappen aan het streven naar meer.  BEAM-redacteur Rimme heeft het gelezen en is groot fan. Hij selecteerde vijf wijze lessen van Anselm Grün. Om even rustig te lezen en op verder te kauwen:

1. Begeerte hoeft niet slecht te zijn
Misschien een verrassende, maar Grün begint zijn boek toch echt met deze stelling. Begeerte is niet per definitie slecht. Het kan een positieve drijfveer zijn om alles uit het leven te halen. Begeerte motiveert om geluk te zoeken. Het gaat Grün dan ook niet om het verbieden van begeerte (‘dat zou net zo dom zijn als het uitrekken van het onkruid in de tarwe, waarvan Jezus zegt: laat het, want voor je het weet verwijder je met het slechte ook het goede’). Het gaat erom dat je je begeerte onder controle houdt en de goede kant op stuurt. De kant die leven geeft.

2. Begeerte = narcisme
Narcisten zijn vaak niet populair. Het zijn mensen die alleen met zichzelf bezig zijn; hun ego is het middelpunt van de wereld en ze vinden dat ze nooit genoeg aandacht krijgen. Geen fijne mensen om mee samen te werken.

Het is dan ook niet zo fijn om te horen dat Grün beweert dat veel van ons aan een vorm van narcisme lijden. Een narcist wil zichzelf steeds laten zien, schrijft hij. Dat doen wij allemaal. “Dat blijkt uit de behoefte van mensen om zich via social media voortdurend te tonen aan virtuele vrienden. Die obsessie om zichzelf voortdurend te etaleren gaat gepaard met een taal die uit superlatieven bestaat. Alles wat we doen moet ‘super’, ‘gaaf’, of ‘te gek’ zijn.” Zijn conclusie: we hebben daarom geen oog meer voor het normale of onopvallende. We gaan van extreme gebeurtenis naar extreme gebeurtenis op social media en missen daardoor het echte leven. Wow.

3. Alles moet iets opleveren
Ook stelt monnik Grün vast dat de wereld anno 2016 er een is van behoeftes die snel bevredigd moeten worden. Ik heb honger, dus bestel eten. Ik heb zin in seks, dus zet porno aan. Als ik ergens een kwartje ingooi, moet er ook wat uitkomen.

Alles moet ons dus snel iets opleveren, zelfs op geloofsgebied. Grün ziet in steeds meer kerken de ‘succestheologie’ (ook wel welvaartsevangelie genoemd) opduiken: “Daar wordt God misbruikt om zoveel mogelijk geld te verdienen. ‘Bid en je wordt rijk’ zeggen ze daar. Het gebed is gericht op de begeerte. Alles moet iets opleveren, moet succes hebben. Alles komt ten dienste te staan van onszelf en onze behoeften.” Toch zullen we hierdoor nooit ‘vol’ raken, waarschuwt Grün: alleen de woorden van God voeden de ziel.

4. We zijn ‘controlefreaks’
Jezus roept zijn leerlingen in Mattheüs 6 op om zich geen zorgen te maken. Bezorgdheid is een uiting van de begeerte om alles onder controle te willen houden, schrijft Grün. Wij willen ons indekken tegen risico’s met allerlei verzekeringen. We willen alles zelf in de hand houden en dat is eigenlijk vooral heel vermoeiend. We leven niet in vertrouwen op Gods zorg, maar denken vol bezorgdheid dat alles van onszelf afhangt. Het zorgt er voor dat we moeite hebben om dingen los te laten, waardoor we nooit écht tot rust kunnen komen. Gelukkig heeft Grün een oplossing: de focus naar Gods Koninkrijk verleggen. Zolang God in je heerst, is er in je geen ruimte voor angst en de neiging alles zelf te willen beheersen.

5. Meer willen (dan de ander)
Als jij 10 euro van je oma krijgt, is dat een mooie meevaller. Maar als je neefjes en nichtjes vervolgens 20 euro krijgen, ben je opeens niet meer zo blij met diezelfde 10 euro. Jezus maakt eenzelfde soort gelijkenis met dagloners in Mattheüs 6; je weet wel, die eindigt met ‘de eersten zullen de laatsten zijn’.

Stiekem begrijpen we als lezers van die gelijkenis die dagloners wel. Het ís toch ook oneerlijk als je veel meer gewerkt hebt maar daar evenveel geld voor krijgt? Het is pijnlijk, maar Jezus ontmaskert hier onze ware wensen: we hopen eigenlijk meer te krijgen dan de ander. Of in ieder geval niet minder. We zijn blijkbaar niet in staat om gelukkig te zijn met wat we krijgen en vergelijken onszelf continu met anderen. Wat we daarmee eigenlijk zeggen: God verrekent Zich. Hij geeft mij minder dan ik verdien. Arrogant toch? Zijn goedheid is geen rekensom. Hij is niemand wat verschuldigd. Grün schrijft: “Wanneer ik stop met mijzelf vergelijken met anderen, word ik één met mijzelf, één met God en één met de mensen om mij heen. Meer heb ik niet nodig om te leven.”

Beeld: Flickr

Reacties

Wanneer je cookies in de categorie Overig accepteert vind je hier NPO Selected.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden