Icon--eo Icon--instagram Icon--clock Icon--theme Icon--location Icon--tag Icon--twitter Icon--whatsapp Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--spotify Icon--facebook Icon--snapchat Icon--youtube Icon--smiley
17 augustus 2014 Reageer

GELOOFSARTIKEL: Mohammed over Jezus

Afgelopen dinsdag plaatsten we op deze website een vertaalde versie van de Achtiname, de open brief van de islamitische profeet Mohammed, waarin hij de christenen in zijn regio bescherming beloofde. Het artikel werd meer dan 8.000 keer geliked, honderden keren gedeeld en veelvuldig besproken op Twitter. Kortom: het onderwerp ‘Mohammed in relatie met christenen’ leeft.

Vandaar dat we ook het geloofsartikel van deze week willen laten aansluiten op dit onderwerp. We willen het hierbij met name hebben over de positie van Jezus binnen het islamitische geloof. We baseren ons hierbij op verzen uit de Koran en het bekende boek van wetenschapper Mark Gabriel: Jezus en/of Mohammed: Verrassende paralellen en diepgaande verschillen. Gabriel werd geboren in Egypte (onder een andere naam dus) en groeide op tot een invloedrijk moslim, met onder meer een hoogleraarsfunctie op de islamitische Al-Anzhar Universiteit in Cairo. Na een lang en intrigerend verhaal bekeerde hij zich uiteindelijk tot het christendom. Gabriel is dus zowel een kenner van de islam als het christendom. Een ideale basis voor zijn boek.

Respect voor Jezus
Wat veel christenen misschien zal verbazen, is het grote respect waarmee Mohammed en dus de Koran over Jezus spreekt. Mohammed, voor islamieten de afgevaardigde van Allah, beschreef zichzelf en Jezus als ‘broeders in het geloof’:

De boodschapper van Allah zei: ‘Van de hele mensheid in dit aardse leven sta ik het dichtst bij Jezus, zoon van Maria. (The Correct Book of Muslim, boek 30, nummer 5846)

Mohammed zei nog veel meer positieve dingen over Jezus, waarvan Soera 3: 33-63 over het algemeen als de meest belangrijke passage wordt beschouwd. In deze passage is Mohammed in gesprek met tien christelijke monniken. Mohammed bevestigende tegenover de monniken dat Jezus geboren werd uit een maagd en de Messias was:

Toen de engelen zeiden: ‘O, Maria, waarlijk, Allah geeft u blijde tijding door zijn woord. Zijn naam zal zijn: de Messias, Jezus, zoon van Maria, geëerd in deze wereld en de volgende en hij zal tot hen behoren die in Gods nabijheid zijn. (Soera 3: 45)

Mohammed vervolgde het gesprek door te beamen dat Jezus wonderen verrichte tijdens zijn leven:

En hij zal een boodschapper voor de kinderen Israëls zijn. ‘Ik kom tot u met een teken van uw Heer, ik zal u uit de klei de vorm van een vogel maken, dan adem ik daarin en hij zal een vogel worden, door Allahs gebod. En ik genees de blinden, de melaatsen en doe de doden herleven’. (Soera 3:49; op het gedeelte over de vogel na toont dit vers sterke gelijkenissen met Mattheus 11: 4-5)

Wat niet in de Koran staat, maar wel een bekende anekdote is, is het volgende: toen Mohammed en zijn kameraden een keer de Ka’aba – een belangrijk islamitisch gebouw in Mekka – bestormden om deze te ‘verlossen’ van alle afgodsbeelden en andere afbeeldingen, eiste Mohammed persoonlijk dat één beeldje gespaard zou worden. Inderdaad, het beeld van Maria die Jezus vasthoudt. Maria wordt in de Koran dan ook beschouwd als de meest pure vrouw die ooit geleefd heeft (Soera 3: 42). Een laatste voorbeeld, tot slot, dat Jezus een belangrijke rol speelt in de islam: veel moslims geloven dat Jezus richting het eind der tijden terugkomt, om de gelovigen te leiden in gebed.

Context
Veel mooie woorden, dat zeker. Toch verdienen ze zeker nog wat context. Moslims geloven dat de islam is voortgekomen uit het christendom, dat op zijn beurt weer is geëvolueerd vanuit het jodendom. Mohammed leefde in een tijd waarin al wel redelijk wat joden en christenen rondliepen, maar nog relatief weinig moslims (hij was immers zelf de stichter van de Islam). Om mensen te overtuigen dat de Islam de ware godsdienst was, paste hij belangrijke figuren uit de joodse en christelijke traditie in, in de Islam.

Zo was Abraham volgens Mohammed ‘een oprechte moslim’ (Soera 3: 67). En in dat eerder genoemde gesprek met de tien monniken probeerde Mohammed hen ervan te overtuigen dat Jezus bad tot Allah en dat Zijn discipelen destijds zichzelf altijd al ‘moslim’ genoemd hebben (Soera 3: 51-52). Met andere woorden: Mohammed zei dat de discipelen weigerden Jezus als God te aanbidden. Dit staat haaks op veel teksten uit de Evangeliën, zoals Mattheüs 14:33 en Lucas 24:51.

Een laatste cruciaal verschil: Jezus was volgens Mohammed niet de Zoon van God, maar ‘slechts’ een profeet. Een belangrijke profeet, dat zeker, maar Jezus bleef ten allen tijde mens. Moslims geloven dan ook in één God, en niet in de Drie-eenheid. Daarom noemen moslims christenen ook polytheïsten; volgens hen aanbidden christenen drie goden: God, Jezus en de Heilige Geest. Mohammed zei dat christenen er verkeerd aan deden Jezus te aanbidden. Desalniettemin zijn Mohammeds leringen over Jezus in de Koran voortdurend positief. En dat is ook wat waard...

Rimme Mastebroek

Bron: dr. Mark Gabriel, Jezus en/of Mohammed: Verrassende paralellen en diepgaande verschillen (Ede: 2008).

Reacties

Wanneer je cookies in de categorie Overig accepteert vind je hier NPO Selected.

Volg ons

© Evangelische Omroep - Algemene voorwaarden